donderdag 31 juli 2014

SAMEN OP PAD


Skip en ik staan midden in het groen met geel - het Sint Janskruid is overruled door boerenwormkruid en wilde peen, een schermbloemige waarvan de fletsheid en de tere knoedeltjes die bij nadere bestudering een flagrante gelijkenis vertonen met muffe barok pruiken een ode aan vervlogen tijden zijn. Ik heb de halsband met de bel meegenomen. Omdoen of niet? Skip kijkt me toegewijd aan. ‘Blijf je in de buurt dan?’ Skip knijpt zijn oogleden open en dicht. Een solide ja. 'Weet je heel zeker dat we gaan dubbelen?' benadruk ik mijn vraag. ‘Jaha, mam’ Ik hoor me als betuttelend kind verzuchten. Ik hang de halsband met bel aan de rugzak. Zo weet Skip waar ik me bevind en hoort hij wanneer ik loop of stilsta.

Een poosje loopt hij trouw naast me. Dan zet hij voet op het mos van een overzichtelijke bosvak. Over zijn schouder kijkend vraagt hij of het mag. ‘Toe maar. Braaf zo.’ Hij gaat niet verder dan het midden, zodat ik hem kan bijhouden. Een takje blijft in de veter van mijn schoen hangen. Ik buk, haal het eruit. Een oogwenk en Skip is van de radar verdwenen. Ik laat ‘m even. Bij het eerstvolgende doorkijkje is hij terug. Hij komt me halen. ‘Mag ik mee? Wat lief van je.’ Ik stap tussen de struiken een open vlakte in. ‘Ben ik nu je wandelbuddy*?’ Het schijnt.

Skip heeft de zoveelste molshoop gevonden die hij aan een nader onderzoek wil onderwerpen. Ik heb weinig trek om te stekken, en ijsbeer wat. Doorlopen is het signaal om te volgen. Blijf je op je hond wachten dan is dit voor hem het sein om te treuzelen. De baas is immers nog in zicht en heeft schijnbaar tijd genoeg. Skip blijft opkijken. Moet hij nou mee of mag hij graven? Ik begrijp het al. Skip hoort de bel harder en zachter rinkelen als ik heen en weer loop. Ik stop ‘m in mijn jaszak en houd de hand erop. Geluidloos marcheer ik verder. Skip veert op en komt achter me aan. De stelling klopt.

Wilde peen.

*Vriendin Cruzer is er, hoogst ongebruikelijk, niet bij. Ik ben de invaller.

woensdag 30 juli 2014

TIJGERPRINT


In het hondenbos is de bouwvak merkbaar. Een gering aantal meest vreemde auto’s, mensen en honden. De enige bekende is de goedlachse meneer van vrolijke wildebras Titus. Vandaag wordt hij vergezeld door een vakantiehond. We beoordelen diens uiterlijk als een pittige tijgermix. Titus is naar de dagopvang; een manege waar vrinden van de eigenaar het voorrecht hebben om daar op werkdagen hun hond te stallen. ‘Dan is hij niet alleen thuis als mijn vrouw en ik naar ons werk zijn’, lacht de meneer leuk. ‘Titus staat te springen van vreugde als ik ‘m daar aflever en bij het ophalen moeten we ‘m altijd ergens vandaan plukken. Het geeft je een goed gevoel wanneer je weet dat je hond zich goed amuseert, terwijl jij je op het werk vermaakt.’ 
Zucht, waren alle bazen maar zo. Hoeveel zielige honden kijken je overdag, lopend langs hun huis, vanachter het raam met trieste ogen waarin weinig te beleven valt aan. M. en ik fantaseren erop los. Meneer Titus is vanwege zijn goudmontuur óf notaris, accountant is optie twee, óf hij heeft een leidinggevende job bij een multinational waar je als medewerker graag je best voor wilt doen. Zijn Algemeen Beschaafd Nederlandse tongval doet vermoeden dat de liefde van zijn leven hem naar Limburg bracht.
'Hij, wijzend op de logé, woont sinds een jaar of vijf bij mijn dochter in de hoofdstad. Daar moet je als hond wel heel sociaal zijn, anders ben je nergens welkom. Je kan hem driedubbel in de knoop leggen. Hij gaat zelfs mee naar kantoor’, calculeert de attente meneer die ziet dat ik licht sceptisch naar de pitbulldog met een brede halsband vol stoere spikes loer, in. Terwijl hij het zegt, hebben Skip en 'het borrelnootje' zich al angefreundet. Relaxed lopen ze samen een eindje op. Hij is goedmoedigste reu die ik ooit  ben tegengekomen. Vast de invloed van de vriendelijke meneer die wel een schat van een dochter moet hebben.

dinsdag 29 juli 2014

WAAROM TOONT EEN HOND ZIJN SPEELTJE BIJ EEN BEGROETING?


Op deze vraag is geen eensluidend antwoord. Niemand weet het namelijk echt. Het ligt aan het soort hond en aan de houding die hij erbij heeft. Dan nog blijft het giswerk. Honden hebben van nature behoefte aan een begroetingsritueel met soortgenoten en met mensen. Begroeten bevestigt de band, en maakt elkaars positie duidelijk.

Tekst en uitleg:
Honden zijn meestal behoorlijk enthousiast bij een begroeting. Het liefst zouden ze iemand die op bezoek komt helemaal platwalsen. Hierdoor ontstaat opwinding. Om de spanning op te heffen, pakken ze vaak wat in hun bek waar ze dan even mee ronddragen. Dit valt onder overspronggedrag. Het speeltje dient als stressgeleider om mens en hond te kalmeren. Afleiding van een (positief) spannend moment. Is het een vorm van ontladen dan lopen ze vaak druk (grommend kwispelend) heen en weer met het speeltje in de bek. Of ze gebruiken het speeltje als een fopspeen die orale bevrediging en rust creëert. 

Het kan een dubbele lading hebben: kijken wat degene er mee doet en dan reageren. Je zou het een bezoekerstest kunnen noemen. Een teken van blijdschap: leuk dat je er bent. Het houdt een uitnodiging in tot samen spelen. Een vorm van vertrouwen. De hond claimt zijn speelgoed niet, maar geeft aan: kijk eens wat ik heb? En jij mag meedoen.

maandag 28 juli 2014

KOM VAN DAT DAK AF


vervolg op SJRAAR 27 juli 2104
Het is vroeg in de avond. Skip doezelt in de geopende serre. Een etage hoger soest poes. Alles senang. Skips neus begint te wiebelen. Het ruikt, het ruikt naar … poes! Skip schiet onmiddellijk in alarmfase 8. Hij gromt, blaft en explodeert als hij doorheeft dat een poes op ZIJN dak huist. Doordat hij wild op zijn achterste poten joept, stoot hij zijn kop tegen de aluminium tafelpunt, (auw, da’s hard) en schraapt hij met zijn klauwen zowat de verf van het deurkozijn. Hij pist in elke hoek wat hij nog NOOIT gedaan heeft en scherpt zijn nagels aan het beton. Klaar voor de strijd. Schraar, zich van geen kwaad bewust, blikt beminnelijk omlaag: waar is al dat tumult voor nodig?

Ik vind een ravage: omgevallen stoelen, pies en Skip over zijn toeren en met een bult onder zijn oog. Ik dirigeer hem naar de keuken. Hij wurmt zich tussen mijn benen door om via een omweg toch in de binnentuin te belanden. Ik versper de doorgang en Skip geraakt in de achtertuin. Uit pure frustratie grijpt hij een opstijgende spreeuw uit de lucht, een pechvogel die net zijn verenkleed in het zand van parasieten had ontdaan. KILL! Als dat geen statement is.

Skip blijft opgesloten in de televisiekamer waar hij briesend broedt op een ontsnapping. Daar zitten we dan met de ramen en deuren dicht, terwijl de temperatuur langzaam oploopt en Skip overkookt. Hij kalmeert als ik diepvriesdoppertjes tegen zijn wang houd om de zwelling te laten slinken. Poes snort al lang en breed in haar eigen mandje. Het is zo klaar als een klontje dat Skip de uitstapjes van Schraar niet duldt. Lieve Schraar, het had zo mooi kunnen zijn. We gunnen je de minivakanties zo. Sorry, er zullen andere afspraken gemaakt moeten worden. Zou een bezoekregeling als Skip van huis is wat zijn?



*Kom van dat dak af is een hit uit 1960 van en door Peter Koelewijn.


zondag 27 juli 2014

SJRAAR


De huistijger van onze bovenburen zagen we voorheen nooit. Sterker nog, we waren onwetend van het bestaan van Sjraar. Zeker hoorden we weleens: ‘Sjraar, niet doen’. Wij koppelden dit aan onze andere buurman die toevalligerwijs eveneens luistert naar de vernederlandste versie van het Franse Gérard. We hoorden nooit geklaag of gemiauw. Terug naar poes Sjraar. Ja, het is een poes. Volgens de eigenaresse: een dame van stand die, heel geslepen, nooit heeft geleerd om zichzelf te onderhouden (lees: muizen vangen) en zich daarom dagelijks laat fêteren op exquise hapjes. 

Tien jaar lang leefde de hybride van Noorse Boskat en Tijgertje tevreden tussen de kamerplanten. Nu lonkt de jaloersmakende jungle (lees: onze achtertuin). Niet lang nadat de pas geplaatste balkondeuren open zwaaiden, zette Sjraar de eerste voorzichtige stapjes op onze serre. Ze kijkt nog steeds haar ogen uit: een groen oerwoud ligt aan haar voeten. Ze moet alleen nog daar zien te komen. Ze schat haar kansen in. Hoe ver is het springen naar het schuurtje, zou één dappere duik het halen om in de Japanse honingboom te belanden, is afdalen langs de regenpijp een optie?

Geregeld zie ik het deftige kopje nieuwsgierig om de hoek steken: zou daar beneden binnen ook een poezenpaleisje zijn? En: wat is dat voor een crèmekleurig harig beest? Vooralsnog is ze tevreden met slenteren over het dakgeraamte, dagdromen in de dakgoot, dammen van ruit naar ruit, spinnen, en lui liggend haar staart zwiepen.

Zal Noorse Buhund Skip uit zijn dak gaan als hij haar ziet? Zal hij zich wild schrikken? Tot nu toe had hij weinig reden om de lucht te bestuderen - in vogels en vleermuizen heeft hij immers geen interesse. Misschien heeft hij zijn poezelige landgenoot allang gespot en vindt hij het stiekem gezellig. Want: als gecertificeerde waakse fiks over je heen laten lopen is een onweerlegbaar taboe. 

zaterdag 26 juli 2014

VOORUITGANG


In één nacht van 32 naar 17 graden. Te voet van A naar B: van Venlo naar Steyl en weerom. De wandeling werd een onderneming van op de kop af drie uur. Het pad voerde ons langs de Maas waar grote happers een bocht van de Maas verbreden. Fietsers die dokkerden over het split hoorden slechts het kabaal van de vermalende vergruizers. De koeien waren verdreven naar de uiterste hoek van de wei. De meeverhuisde reiger stond gemoedelijk tussen hen in. Vaklui, explosievenexperts, met een metaaldetector aan hun arm zochten naar bommen. Geregeld werd er voorzichtig in de grond geboord. Vis-à-vis ondertunnelde Skip het aanpalende weiland. Althans wat er van over gebleven is: het wandelgebied krimpt naar aanleiding van de vooruitgang.


Donkere wolken boven ons. Waar ik stond, verschijnt later dit jaar een fietstracé. Weg natuur, weg rust, weg (honden)wandelgebied. Het was er druk met recreanten. De oude garde uit het predigitale tijdperk mét en de smartphoners zonder plu. De wandelende vakantievierders verwachtten er rust, ze vonden herrie. De ongeruste dorpsbewoners die er al sinds mensenheugenis hun honden laten rennen, schrikken zich elke keer te pletter van de onstuitbare en onomkeerbare voortgang. Maar waar een wil is, is een weg. Tussen prikkeldraad en hekwerk in, is in korte tijd een alternatief pad verrezen. Het heeft iets strijdlustigs: we vinden altijd een uitwijkmogelijkheid.


vrijdag 25 juli 2014

ANTIPATHIE


Skip is voor onzekere wandelende vraagtekens een prima oefenmeester omdat hij totaal geen agressie of confrontatie uitlokt. Hij doet me denken aan wijlen Corgi Queenie, de assistent-trainer van onze puppycoach die haar mee naar de les nam voor ‘zware jongens’: een lief en zorgzaam moedertje waar zelfs de horkerigste bonk voor door de knieën ging.

Het is na elven. De ochtendspits van sociale honden is voorbij. Een verse, aangelijnde ploeg - een rake afspiegeling en schadelijke mix van herriemakers, vechtersbazen en bangerds - maakt hun opwachting op het hondenveld. Wat had een eigenaar zich dan bedacht bij dubieuze namen als: Tyson (bokser die in oren hapt), Bruce (karate), de bloedfanatieke Xabi (aanvaller) en Laban (naar het bange spookje; ik kende ‘m ook niet).

De bezitster van de eenkennige Border Collie Messi houdt de hond strak bij de kraag vast als ze Skip ziet. Aan zijn lichaamstaal zie ik dat het een rechtschapen Border Collie is. ‘Laat maar gaan’, is mijn suggestie op voorhand. ‘Dat waag ik te betwijfelen’, spreekt ze me tegen. ‘Doe maar, gaat goed’, betwist ik.

Ik doe een stapje opzij en draai een kwartslag van de hond af zodat de reu vrije doorgang heeft en zich onbedreigd voelt. Skip zwaait af. De hond taxeert de concurrentie. Eerst komt hij op mij af. ‘Jij wilt vast liever geknuffeld worden dan ruzie gaan maken?’ laat ik vrolijk tussen neus en lippen los. Ik buig niet voorover, maar blijf rechtop in een zogenaamd ongeïnteresseerde houding. De gehersenspoelde goeierd kijkt ontwapenend naar me op en besluit meteen alle weerstand te laten varen. Hij duwt zich tegen me op, gooit zich op zijn rug zodat ik zijn aangeboden buik kan kroelen.

Daarna wordt Skip besnuffeld. Een aarzelende spelboog. De bezitster staart met open mond verbaasd naar haar hond: ‘Wat een verademing, dat ik niet bozig hoef te sjorren en trekken. Is dit mijn hond?’ ‘Met jouw hond is niks mis. Simpelweg voorafgaand letten op de signalen die de honden uitzenden’, durf ik desgevraagd in te brengen,het ligt onder andere aan de gemoedstoestand, combinatie hond-hond en aan de (re)actie van de eigenaar.’ Ik houd het bewust summier. ‘Er zijn maar weinig honden die echt een antipathie tegen een bepaalde soort hebben.’ ‘Wie weet zoiets nou en … hoe zie je dat en hoe onthoudt iemand dat allemaal? Da’s veel  te ingewikkeld’, uit ze haar opvatting.

Een nieuwe soortgenoot maakt zijn opwachting. De vrouw maakt zich op voor de volgende confrontatie. Ze grijpt de hond bij de kraag. Die schrikt en weet al hoe laat het is. Beiden zetten zich onvermijdbaar schrap voor de aanval, klaar om de vijand te fileren. Vragen om moeilijkheden. Het liefst zou je ze willen dwingen om toch eens aandachtig een hoofdstuk over honden- en bazengedrag door te lezen.

donderdag 24 juli 2014

STADSE FRATSEN deel IV



Knipsels met als onderwerp hond bewaar ik een korte tijd. Een compilatie voordat ze als prop in de prullenbak belanden.


PS 7 juni 2014-07-05
PAARDENTRAINER door Malika Sevil

Moeftie, een hond met proporties die verraden dat de conceptie waaruit hij is voortgekomen aan wat meer willekeur is overgelaten dan die van de Arabieren.

PS 12 juli 2014-07-20 14
VAN DE WEEK interview met Henk Faanhof

Ik zie dat u een stuk van uw linkeroor mist. Tijdens het fietsen gebeurd?
Nee, dat heeft mijn hond gedaan. Ik kwam met mijn hoofd dicht bij hem en toen beet ie ineens in mijn oor. Mensen zeiden dat ik hem moest laten afmaken, maar hij schrok zich gewoon te pletter van mijn gezicht, denk ik.
Tekst Joep School

Volkskrant magazine 28 juni 2014
… Vroeger op school schreef ik mijn opstellen in belachelijk grote letters, waarin ik vaak woorden herhaalde. Zo schreef ik in plaats van ‘blabla’ liever ‘blablablablabla’, en blaften honden vrij uitvoerig, c.q. ‘waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf waf.
Uit: T Thomas van Luyn

PS 15 juni 2013
MIJN AMSTERDAM

Stanja van Mierlo de spil van Blijburg. Dieren in Amsterdam: ik word blij van loslopende honden én loslopende kinderen … Ik wilde, aan zoet water in de stad, een buitenplaats creëren waar Amsterdams zichzelf konden uitlaten …

Volkskrant Magazine 26 april 2014
INTERVIEW met Jud Rubenfeld en Amy Chua

… Een van de meest hilarische scenes in het boek is Chua’s beschrijving van een hoogoplopende ruzie met haar echtgenoot Jed over de kinderen … Wat voor dromen heb jij voor Sophia, voor Lulu? Denk je daar weleens aan? Wat zijn je dromen voor Coco? Voor de goede orde: Coco is hun hond (Samojeed). Zij: Alles in het boek is half-serieus. Wat ik schrijf over de hond is waar. Ik ben bezig geweest die te trainen, om ‘m verder te brengen. Hij; Het werkte niet.’Zij: ‘We hebben nu een hond die de woonkamer gebruikt als wc.’

woensdag 23 juli 2014

NATIONALE ROUWDAG


In verband met Nationale Rouwdag vandaag geen blog.

dinsdag 22 juli 2014

ZWEETVOETEN


Het is iets voor negenen. De gevaarlijke hitte is al tastbaar. Te laat om ver te gaan wandelen. We zijn niet de enigen die er zo over denken. Slome retrievers, een nauwelijks enthousiaste Shih Tzu, en een forse druktemaker die normaliter uitvalt tegen andere reuen, maar zich nu mak gedraagt. Een rare gewaarwording.

Skip muist dichtbij huis in het schaalloos grasland waar St. Janskruid de boventoon voert. Het had net zo goed de Sahara kunnen zijn. Ik wankel op de uit voorzorg meegenomen driepoot. Voortdurend als ik (vanwege de haas) achter de ronddalvende Skip aan verhuis, zakt minstens één poot in een van de ontelbare gaten. Bij tijd en wijle komen hondenvriendjes een kijkje nemen. Berner Sennen Jessie verdrijft Skip uit zijn minigroeve. Een tandenknarsende Skip geeft geen krimp. Na een summiere schouw snapt ze niet waarom iedereen er zo gewichtig over doet. Ze gaat. Skip wil het werk hervatten. Hij steekt zijn neus in de kuil, trekt een vies gezicht en stuit op. Goeie grutten! Had die Jessie me daar een partijtje zweetvoeten.

Noodgedwongen trekken we verder. We kunnen een eindje onder bomen van dezelfde statuur en jaarringen waar het zonlicht ons niet kan vangen. Skip mag van de lijn. Voor een sprint is het toch te warm. 



maandag 21 juli 2014

BINNENDRUK


De premisse: geroffel alsof het dak eraf gaat. De kegelbaan is geopend. Daarboven is er weer eentje ziedend van woede. Het bloedstollende epicentrum lijkt boven onze stad te liggen. Ik sluit alle ramen en deuren om het donderend geluid te dempen voor Skip. Temperatura extrema. Het toetsenbord wordt verruild voor de sloof. De binnendruk loopt hoog op. Achter de stoof is het om te ploffen. Net als Skips spanningsboog die op ontploffen staat. Dampende etensgeuren die hondenneus en -brein binnendringen, leiden af van het gedonder. Geurige kippenbouillon doet Skip vergeten dat hij het sinds kort niet zo heeft op onweer. Na het uitblijven van het condiment, de gemelde pittige hagelbuien, kan een opgeluchte Skip na het overtrekken van het regenfront in alle frisheid buiten liters lozen. 

zondag 20 juli 2014

BUURTMEISJE


Cairn terriër Saartje was present op de dag dat Skip bij ons arriveerde. Op de een of andere manier hoort ze er daarom gewoon bij. Geregeld wipt ons buurtmeisje even binnen voor een knuffel en, in ruil voor meegebrachte boekies, wat lekkers. Ze stuift door huis en tuin. Alles gezien en de koek is op? Dan vertrekt ze weer.

zaterdag 19 juli 2014

STRAATSLIJPEN



Het bijbehorende oververhitte verhaal is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

vrijdag 18 juli 2014

SKOLLI

Skolli Wolli Bolli

Vanwege de hitte aankondiging zijn we vroeger in het hondenmekka dan gewoonlijk. We hebben gelijk gezelschap van Skolli wiens baas zich op de parkeerplaats verbaast waar zijn IJslandse Hond zo grif naar toe is. Sticker Skolli wijkt namelijk sinds 8 weken na zijn geboorte niet van de zijde van zijn ingoeiige baas Jan.

Aan de akoestiek in het bos te horen, rennen onze rebellen reeds de einder tegemoet. Skolli wil knuffels en vooral koekjes van ons. Hij kent the need for speed niet. Tijdens onze wandeling blijft hij trouw tussen Jan en ons in lopen. Skip komt wat drinken en Cruzer laat zien dat ze nu een identieke snee in het oor heeft als Skip: eindelijk bloedbroeders. Haar nek en hals kleuren felrood. Skolli stelpt het bloeden door excessief te likken. Cruzer gaat er plat voor. Zien we Skolli daar zelfs een beetje smoor op haar worden?

Cruzer en Skip verzwinden weer achter de grillige groene wand. Skolli huppelt parallel aan ze mee. Turbulentie achter het struikgewas. Skolli verkeert eventjes in een loyaliteitsconflict. Zonder pardon reist hij naar de honden af! Op stap met onze rebellen kan flink uit de klauwen lopen. Jan laat het niet onberoerd. Het zit ‘m dwars dat Skolli uit zicht is. M. en ik nemen hem lichtjes op de hak: bespeuren we daar lichte paniek? Zal hij hem zelf gaan halen, overweegt hij. Niet nodig, Skolli Wolli Bolli is alweer boven Jan met voor even een rechtop gesteven krulstaart. Een glunderende baas aait zijn beste vriend over de bol. Ongeveer op het tijdstip dat Skolli’s baas thuis achter een kop koffie zit, melden onze honden zich niet geheel vrijwillig.

donderdag 17 juli 2014

DISCO INFERNO



Overdag een stekende zon. Om middernacht knorde en morde een ontstemde Jupiter, god van de hemel en het onweer. Zomers onweer geeft mij het vrije vakantiegevoel. Het zal vast met nostalgie naar mijn kindertijd te maken hebben.

Op een bowlingbaan van wolken kegelde het Romeinse equivalent van de Griekse Zeus  flitsende discoballen heen en weer. Althans zo klonk de disco inferno in mijn perceptie. Skip vertrouwt het voor geen meter. Sinds de inslag tijdens onze glamping laatst is hij abrupt verpest. Hoe verkom je erger?

Gods woede raakt als de bliksem bekoeld en de in het donker weggekropen Skip is alles vergeten. Van binnen naar buiten voor de verlate avondroute. Straten staan blank. Vloeiende regendruppels tussen de blaasjes vormen steeds groter wordende kringen en verlaten zo het wateroppervlak. Een eenzame fietser met slippers op de pedalen - in de plastic zak op de bagagedrager zitten vast dure schoenen - klingelt schel. Ik spring opzij voor de door hem veroorzaakte vloedgolf. Ontsteltenis bij Skip vanwege de bel. Houd het dan nooit op!

woensdag 16 juli 2014

ZWARE BALLEN


Snerpend grint en getik van de jeu de boulesballen op de lommerrijke buitenplaats. Skip ligt bij zonsondergang achter de baanafrastering die we voor de zekerheid hebben neergezet. Een rvs bal weegt 720 gram; als je daarmee een oplawaai krijgt … Skip volgt onze bedrijvigheid met relaxed over elkaar gevouwen voorpoten. Geen haar op zijn warme lijf die eraan denkt om achter de loodzware ballen aan te gaan.
Voordat de verliezer van set één revanche mag nemen, zijgen we neer op het terras om te pimpelen. Terwijl wij genieten van de geneugten van het buitenleven, poot een moedermerel haar landingsgestel op de door ons zelf aangelegde 9 meter baan. Ze is geen hoogvlieger en gebruikt vernuftig de baanlengte om haar jong te leren opstijgen vanaf de grond. Leuk als je iets met plezier gemaakt hebt en het dan een tweeledig doel dient: voor het Provençaalse petanque (want dat is wat we spelen) en als startbaan voor een jong om zijn vliegbrevet te halen. Omdat moedermerel een spoedcursus vliegeren gaf en we de les niet wilden verstoren, raakten we terwijl de maan de zon afloste onder invloed. Het tweede potje verschuift naar een herkansing bij daglicht. Dan is ook de ingedommelde Skip weer wakker.

dinsdag 15 juli 2014

HINDELOOPEN

Het bijbehorende Hindelooper verhaal is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:


maandag 14 juli 2014

KATER


Het Nederlands elftal wint op de valreep de derde plaats. Daarmee verzekeren ze zich nog eens van een slordige 2 miljoen euro aan prijzengeld extra. Skip eindigde bij de WK fotoactie als tweede - niks aanvalluh op de bbq. Alles wat wij er aan overgehouden hebben is een kater. Een maand lang stonden we afwisselend op numero uno, zwabberden de stemmen omhoog en omlaag (!) tussen 6000+ en 0 en werd de actie meermaals verlengd.

Wat bleek. Jan Linders bediende achter de schermen zelf regelmatig de knoppen en beïnvloedde door resets het stemmentotaal. Toen dit drie dagen voor de finale bekend werd, nam de motivatie bij onze stemmers vanzelfsprekend af. Was het van meet af aan opzet, doorgestoken kaart? Na contact met de marketingafdeling van Jan Linders werd er toegegeven dat ze de moeilijkheidsgraad van een digitale stemactie hadden onderschat. Ze hadden het juist simpel willen houden. Het verdiend geen schoonheidsprijs, maar ze beloven voor een volgende keer beterschap. We tonen ons een sportief verliezer en feliciteren hierbij de winnende nummer 1. Het is maar een spelletje.

IEDEREEN HARTSTIKKE BEDANKT VOOR HET DAGELIJKS STEMMEN OP SKIP!
EVERYBODY THANK YOU FOR YOUR VOTES!

zaterdag 12 juli 2014

MAMA IS BOOS


Het bijbehorende ondeugende verhaal is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

vrijdag 11 juli 2014

BEVLIEGING


Tien wandelminuten verwijderd van de auto. Wolken schuiven voor de zon en geven daarmee een diavoorstelling op de weidegrond waar Skip tussen het zegge plopt. De lucht voelt klef. Waar haalt hij de energie vandaan? Vier net bezwangerde vaarzen die tevergeefs door de modder hebben gerold, zoeken steun bij elkaar. Ze zijn ontstemd. Een oneindig leger bloedzuigende vliegen plakt om hun enkels, op de donkere vlekken van de vacht (op het koelere wit zit er geen een), bij hun aars en rond de grote vochtige koeienogen waarin ze zomaar zou kunnen verdrinken. Mechanisch zwiept de door het slijk gehaalde staart de vliegen van zich af. Trillende vachten om de irritante insecten af te schudden. Hun kop gaat zover als hij reikt heen en weer. Ze worden er geschift van, ik nerveus. Bestaan er geen insectenwerende middelen voor landbouwdieren zoals een anti vliegenspray of een reuzen klamboe? Kunnen er niet net als bij paarden zebrastrepen worden aangebracht die eveneens effectief tegen dazen schijnen te helpen?

Uit compassie voer ik de dames het gedroogde gemaaide gras van de buurman. Dat leidt wat af. Gras is altijd groener aan de overkant. Als de aanstaande moeders verzadigd zijn, gebruiken ze toeven gras als vliegenmepper voor een breder bereik. Chapeau! Wat een hardnekkige vliegen. Daarom ging Skip ook op de loop: de vliegen op zijn oren en gezicht blijven zelfs plakken als ik erover wrijf. Gauw wegwezen hier.


donderdag 10 juli 2014

HAARNETJE


Roos’ en Pips ondervacht wordt uitgeborsteld onder het uitlaten. Een stukje wandelen, geborsteld worden terwijl je wordt afgeleid door van alles en nog wat, weer wat kuieren, enzovoorts. Het bevalt de twee Newfoundlanders uitstekend. Beter dan urenlang achter elkaar stilstaan in een krappe binnenruimte. Een zomerse föhn blaast dotten haar de lucht in. Onderweg vinden ze struiken en boomtoppen om aan te blijven hangen.
Een kraai aast op de berg haren die op de grond terechtkomt – matching colours voor het opleuken van zijn alledaagse nest dat bestaat uit een gevlochten platform van dunne twijgen en dikkere takken. Mooi zwart is niet lelijk.

De kapster die zich van geen kwaad bewust is, wordt druk doende met het uitdunnen, belaagd door een furieus burgermannetje in keurig jasje-dasje. Ze heeft hem tegen de haren ingestreken door de zwarte bossen rond te laten dwarrelen. Welnu, ik stoor me ook aan die achtergelaten halve honden - wat plukjes oké - maar om daar nou voor uit je vel te springen. Bovendien lost het probleem zichzelf op: meegevoerd door de wind of opgepikt door de vogels. Goddank krijgt ze bijval van de aanwezige landmeter. Want je staat echt perplex wanneer iemand zo tekeergaat. Het frustrerende is, eenmaal thuis denk je: ik had dit of dat moeten zeggen. (Raadzaam is om zo iemand uit te laten razen. Overtuigen of tegenspreken is zinloos op zulke momenten.) Enfin, het overschot gaat mee in een plastic zak naar huis. Daar gaan de haren in de lege netjes van de vetbollen. Voor de opgehangen haarnetjes zijn onder andere de koolmezen haar zeer erkentelijk.

woensdag 9 juli 2014

OP WATER LOPEN


Niets zo veranderlijk als het weer. De waadbroek die gisteren praktisch onmisbaar was, kan vandaag verruild worden voor een afrits- of driekwartbroek. Het flesje drinkwater laat ik in de auto staan, ondanks dat het onvoorzien drukkend is. Met al dat gevallen hemelwater moet het bos een zoetwatermeer zijn. Want: net als auto’s benzine slurpen, zo loopt Skip op water. De bodem die kurkdroog bleek, had al het water geabsorbeerd. ‘Brandend zand en nergens water’, bracht Anneke Grönloh lang geleden al ten gehore met de door Johnny Hoes bewerkte hit Heisser Sand. We waren gewaarschuwd. Voor één keer moesten we de terecht ontgoochelde Skip teleurstellen. Ah.

Aaneen gebreide zuring en bloeiend gras.

dinsdag 8 juli 2014

SCHAPENTEEK


Ik open de voordeur. Skip vertoond weinig animo als hij ziet hoe het buiten te keer gaat. Simultaan steekt Cruzer op een ander adres haar neus tussen deur en deurpost. Beide herzien hun mening als ze horen dat ze samen naar de hei gaan. Want de rebellen hebben elkaar vijf dagen moeten missen. De thermometer op het dashboard geeft 15.5 aan. Da’s niet te vergelijken met de dikke 25 graden van gisteren. Terwijl M. en ik door het gras soppen, rennen de rebellen anderhalf uur in het hondenbos. Het water loopt tappelings mijn laarzen in, M.’s schoenen zijn doorweekt. In de auto wikkelen we de honden in een badlaken dat het ergste nat absorbeert.

Thuis vind ik tijdens het afdrogen teken. Verdorie. Vijf dagen werd Skip elders uitgelaten en geen teek te bespeuren. Mijn interpretatie: er kan een verband gelegd worden tussen gebieden waar schapen grazen (of hebben gegraasd) en terreinen waar ze nooit komen. Dat klopt ook met wat er in de natuurkalender* beschreven staat. Daarom ban het schaap en daarmee de schapenteek uit wandelgebieden. Zijn we ook meteen van de enorme stinkende  keutelberg af die weer gevaar voor wormbesmetting met zich meebrengt. Gun die arme schapen een sappige weide en hou ze weg van de kale heide. En ocherm, ook niet in de ongezonde berm.

maandag 7 juli 2014

RADAR


Natte en droge perioden wisselen elkaar constant af. Na raadpleging van een weersite kiezen we voor optie twee. Langs de rivier duikt Skip met Chap, een Spaanse ‘schone’ Waterhond die nu nog loopt te bleekscheten, de struiken. Een koekje hebben ze al gehad. De baas en ik kletsen onderweg wat in het luchtledige over het WK, bier en dat soort ongein. Dankzij de vele roeiboten met luid roepende stuur hoor ik de bel niet. Halfweegs komt Chap zonder Skip terug. Het was rücksichtslos van me om niet op te letten. En nu is Skip van de radar verdwenen. De crux van het hele verhaal is dat ik geen referentiekader heb, waar Skip zich kan bevinden. Even wisten we niet van elkaar waar we ons bevonden. Is Skip roerloos achtergebleven om Chap te lozen, rechts teruggekeerd naar start of links doorgestoomd richting keerpunt? Of zijn er wilde dieren in het spel? Ik wacht, bazuin rond en fluit. Geen gehoor, geen bel. Ik moet kiezen: achterwaarts of vooruit. Ik ga terug omdat ik daar buitendijks het hele gebied hoop te overzien. Geen baken, geen witte krulstaart die boven de wilde weideflora uittorent. Later blijkt dat Skip doorgelopen is naar het kloosterdorp in de veronderstelling dat ik dat ook zou doen - hadden we uitsluitend met zijn tweetjes gelopen dan was dat zo gegaan. Op zijn laatste beentjes zie ik hem terugkeren naar daar waar we elkaar uit het oog waren verloren en waar ik, net als hij, weer ben aanbeland. Hij blij, ik blij. We hebben allebei dringend behoefte aan een rustpauze aan het water. Behalve het zweet op mijn voorhoofd ben ik droog gebleven.

zondag 6 juli 2014

NL DOOR NAAR HALVE FINALE


Een nachtelijke stortdouche. Zomerregen heeft iets knus, als je binnen bent. Doet het ons aan de tropen denken, aan vakantie? Of is het de verkoeling die het na afloop brengt? Skip wacht puffend tot de treurbuis dooft en de stilte weer de overhand neemt. De kwartfinale, paniekvoetbal door het Nederlands elftal, loopt uit. Buiten in tenten en tuinen (voor zover het weer het toelaat) klinkt geroezemoes, zijn de gemoederen verhit, weet iedereen het beter, horen we afkeuring en keer op keer teleurstelling. Onderhand kijken wij naar de aanbevelenswaardige Deense speelfilm Superclásico die heel toevallig een match tussen twee rivalen en verweven levens verbeeldt. Dan gejuich en bij velen de ultieme verlossing: snikken van geluk.

Al dat water was groeizaam. In de ochtend, als iedereen zijn geluksroes uitslaapt, wandelen de hond en ik door gulzig drinkend groen dat welig tiert. De Engelsen hebben er zo'n alleszeggend woord voor: lush. En zo groeit ook het Nederlandse team langzaam door naar de status van kampioen. 


Ik zou het bijna vergeten! Dat betekent dat we WEER moeten drukken op Skips foto voor de Jan Linders BBQ actie!! (via mijn facebook Cela den Biesen of www.janlinders.nl/wkactie tik Venlo in en klik op de foto van de vlaggetjesregen met Skip.

zaterdag 5 juli 2014

MUIZENSPRONG


Bewolkt en 28 graden. We blijven dicht bij huis. In het veld waar mollen en muizen huizen is de bodem van stro. Vanaf de dijk zien we een wannabe- Norrbottenspets* aan het werk. Als een vosje zo perfect maakt ze onafgebroken muizensprongen. De van oorsprong buitenlandse eigenaar formuleert voorzichtig zijn antwoorden in koeterwaals wanneer ik probeer een gesprek aan te zwengelen. Er is geen touw aan vast te knopen en de naam van de hond is een tongbreker. Met handen en voeten geven we aan dat we elkaars hond lief, leuk en aardig vinden. Het muizenhondje vangt bot, ondanks dat ze erg gruizig is. Skip doet voor hoe het moet. Met zijn alerte lichaam als een spin in een web plet hij lukraak een vette muis onder zijn voorpoten. Tjap en hap. Hij raakt begeesterd en bij elke snoekduik moet ik de riem laten vieren. Zij kijkt beteuterd als Skip zijn derde muis in nog geen vijf minuten vangt: is ze nou haar officiële titel kwijt?  ‘Ja, jij maakt prima sprongen, maar vlak de techniek van de lijnende Skip niet uit, bewierook ik mijn eigen hond, ‘hij zet door tot minstens één muis in zijn ‘kluis’ zit. Skip is gevuld. Hij hapt wat grassprieten weg en nipt aan het rivierwater. We steken de streekweg over. Op zijn elfendertigst begeven we ons naar het tochtgat tussen de twee torenflats waar Skip vijf minuten de tijd neemt om zich door te laten blazen.
* Oneerbiedig zou je kunnen stellen dat het exterieur van de Norrbottenspets een mix is tussen een Noorse Buhund en een Jack Russell. Oftewel zoals een hondenkind van Skip en Cruzer eruit zou zien.




vrijdag 4 juli 2014

FACTOR 50


7.00 uur. Een mediterrane hemel. Nog nadromend neem ik de schaduwzijde langs de kreek. Skip loopt vrijwillig in de vlammende zon waar je huid spontaan om factor 50 schreeuwt. Het gras zweet bij voorbaat al. Stakerige ruisende populieren bootsen een kabbelende zee na. Het stroompje klotst wild als het de betonnen onderdoorgang passeert. Twee wakkere reigers staan gespannen tegenover elkaar: zijn het concurrenten of collega’s? Gierende zwaluwen in het luchtruim, zingende merels in de acacia's, een vreemde vogel die krijst als een aap. Pafferige poezen tijgeren over de koortsige craquelé klei door een jungle van duvelstokken*, bloemenschermen, en bloeiend perkgoed dat buurtbewoners uit eigen tuin hebben verplaatst naar dit idyllisch plaatje. Skip trekt telkens zijn poten omhoog. Grasstoppels - overgebleven na het maaien - doen hardvochtig pijn tussen zijn zolen. Hij heeft het er schijnbaar voor over; zo gebrand is hij op mollen en muizen. De temperatuur gaat al over de top. Klassiek klinkt uit een witgepleisterd kasteeltje. We slaan af naar de beschaving. Zouden de koortsige kinderkopjes langs de bomenrij Skip ook te heet onder de voeten zijn? 

*Lisdodde wordt in de volksmond duvelstok of negerpiemel genoemd.

donderdag 3 juli 2014

REANIMATIE HOND


Het bijbehorende spannende verhaal is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

Met dank aan draagvader Baas B. 

woensdag 2 juli 2014

TOURNEE


Het bijbehorende aanstekelijke verhaal is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

dinsdag 1 juli 2014

SERVICE


Een nachtelijk aaneengesloten buienfront trok over het Zuiden. Een droge dageraad. We volgen een struinpaadje pal langs de rivier, want dat is wat Skip het liefst doet. En ik moet mee. Door de overvloedige regen is het door vos en Galloway ingesleten pad een modderige gaanderij. Geregeld gebruiken we basaltblokken als step stones. De landbouwerige geur van het koolzaad is allesoverheersend, terwijl het St. Janskruid in de meerderheid is.

Skip, die liever achterop loopt, wil ik voorop hebben als we ons een weg banen door de uitgedijde nattige vegetatie. Al snel plakt mijn flodderige broek tegen mijn benen. Maar alleen zo kan ik met de golfparaplu de druipende stengels van de oevergewassen tegenhouden die zich anders aan de snuit van Skip zouden afvegen. De service wordt gewaardeerd, want Skip wacht na elke handeling tot ik een volgende plantenrij opzij houd, zodat hij vrije doorgang heeft. Graag gedaan, jongen.