woensdag 31 december 2014

VREEMDE VOGELS


Noorse Buhund prequel dogtales 11
De wereld lijkt verstild in de mist. Voor het eerst dit jaar heeft het flink gevroren. De vorst heeft een dunne witte deken over de natuur gelegd. In het weiland zijn her en der bevroren mini-eilandjes ontstaan. Op de overgebleven waterplasjes heerst een drukte van jewelste. Vogels van diverse pluimage foerageren hier in de vroege ochtend. Verderop volgen Skip en ik het smalle pad op de dijk. De waterstand van de rivier is erg hoog en de lage begroeiing staat onder water. Volgeladen vrachtschepen zorgen er voor dat het rivierwater tegen de kant kabbelt. Een lege petfles voorzien van een Belgisch etiket dobbert eenzaam rond.

Onderwijl is de nevel opgetrokken. We horen onophoudelijk indringende fluittonen. Skip rent steeds tegen de dijk omhoog in de veronderstelling dat ik hem fluit - wat niet zo is. Op een gegeven moment kijkt hij me verstoord aan. Waarom ‘roep’ ik hem toch steeds? Ik vertel hem dat het fluitende vogels moeten zijn. We turen samen naar de kale boomtoppen, maar zien niets zitten. De hond blijft me argwanend in de gaten houden en lijkt niet overtuigd van mijn uitleg.

Als geroepen nadert een groepje ornithologen. Je herkent deze uitvergrote tuinkabouters - weliswaar zonder (punt)muts - niet alleen aan hun verrekijker maar ook aan hun ringbaardje en stoere kledij in schutkleur. Voor vogelspotters is het nu inderdaad een waar paradijs. Ik besluit de vraag te stellen: 'Weten jullie welke vreemde vogels het voetbalfluitje imiteren?' Ik ben allerminst verbaasd door hun enorme kennis als zij onmiddellijk in koor roepen: ‘Dat is de wintertaling’. Waar ik steeds omhoog keek, had ik juist naar beneden moeten kijken. Inderdaad zie ik nu tussen de takken van de wilgenstruiken, die net boven het water uitsteken, talloze exemplaren van deze kleine wendbare eend.

Skip lijkt mijn gedachten te delen en denkt wat een ‘rare vogels’. Maar wie bedoelt hij nou? De vogels die eenden blijken te zijn of de ‘pietjeskijkers’? Wat deze laatste betreft: ik zou best willen weten waarom zij allemaal zo’n identiek uiterlijk hebben. Komt het door hun lange verblijf in de natuur dat ze dezelfde gedekte natureltinten vanzelfsprekend overnemen? En dient de baard als vermomming of is het vanwege de warmte. Zou het onbewust iets met een vogelnestje van doen hebben? Allicht durf ik dat helemaal niet te vragen en bedank ze hartelijk voor hun hulp. Het vogelmysterie is opgelost. Fluitend loop ik door. En Skip … die gelooft het verder wel. 



dinsdag 30 december 2014

GESCHIKT


Noorse Buhund prequel dogtales 10
Om uit te rusten van zijn avontuurlijke belevenissen mag Skip ‘s avonds graag genieten van een adembenemende televisiedocumentaire waarin andere diersoorten zich uitsloven. Zou hij voor de ontspanning kijken of neemt hij de informatie daadwerkelijk tot zich en spijkert hij zo zijn jachttechnieken bij?

Tussen zijn favoriete programma’s door verschijnen de onvermijdelijke commercials. Iedereen kent waarschijnlijk het reclamespotje van de Landmacht waar een jonge knul in zijn achtertuintje van de zon geniet. Aan de andere kant van de heg probeert de norse buurman zijn boxer op commando te laten zitten. De boxer reageert pas als de jongeman van ernaast, op vriendelijke toon ‘zit’ zegt. Dat Skip daadwerkelijk beeld en geluid in zich opneemt blijkt wel uit het volgende.

We bevinden ons in het lokale losloopgebied. Een man traint er met zijn Flatcoated Retriever. Ik gebaar Skip om door te lopen zodat de twee ongestoord kunnen oefenen. Skip kijkt steeds schichtig achterom wanneer hij de bars uitgesproken commando’s hoort. Een dergelijke strenge aanpak is Skip geheel onbekend. Mij is altijd geleerd een spaarzame stem te gebruiken en vriendelijk met je hond om te gaan; hij is er tenslotte voor ons beider plezier. Los daarvan is het hondengehoor sowieso veel beter dan dat van de mens, schreeuwen is onnodig.

De Retriever wordt steeds erger afgeblaft. Hij weigert pertinent een commando op te volgen. Eigenlijk is het een gênante vertoning. De hond heeft er geen oren naar en dat hij noodgedwongen de benen neemt is begrijpelijk. De man – die ik ondertussen de sergeant ben gaan noemen – brult loeihard ‘blijf’. Skip blijft als aan de grond genageld staan terwijl hij niet eens in het blikveld van de drilinstructeur is. Direct na ‘blijf’ wordt er ‘zit’ gebriest. Dan gebeurt er iets heel wonderbaarlijks. Skip gaat prompt en op commando kaarsrecht zitten. Je ziet hem denken ‘laten we maar doen wat de sergeant zegt, anders zwaait er wat.’

Ik schiet onbedaarlijk in de lach om onze blonde knuffel. Nooit geweten dat hij buiten zo perfect was afgericht in het opvolgen van bevelen. Hij verdient terecht het predicaat ‘geschikt’. De sergeant werd nog ziedender. Hem vond ik absoluut niet lachwekkend, dat moest hij toch begrijpen. Terwijl ik Skip uitgebreid prijs, zijn man en hond ineens verdwenen. Ik hoop met de staart tussen de benen. Voor de arme hond (die ik na dit debacle trouwens nooit meer heb gezien) hoop ik oprecht dat zijn baas tijdens het zappen belandt in de Landmacht commercial en zichzelf herkent als iemand die wordt aangevinkt in het vakje ‘ongeschikt’.




maandag 29 december 2014

TOCHT DER TOCHTEN


Met pikhouwelen worden autoruiten ijsvrij gebeiteld. Gehobbel over spekgladde klinkers. Het vriest dat het kraakt. Nul graden. Fonkelende ondergrond. IJsblauwe lucht. De zon lacht ons op de open vlakte toe. Zelden hebben we een wandeling moeten afbreken, maar het was geen doen. Elke schrede die we tijdens deze tocht der tochten zetten, sprak andere spieren in ons lichaam aan. Heel vermoeiend voor de kuiten, bovenbenen, heupen en rug. Een Chihuahua in skipak verzette geen stap en werd op de arm genomen. Het lag niet aan de uitrusting, maar aan de bikkelharde onderlaag. Een 10 weken jonge doodlepup weigerde en steigerde. De ijssneeuw brandde bij elk pasje onder zijn zachtroze babyvoetjes. Skips breed gespreide tenen hadden wel grip op de bevroren sneeuwlaag. Hij zakte minder diep weg in de ijssneeuw dan wij. Harde korsten en ribbels maakten het lopen voor hem onaangenaam. Alerte konijnenoren boven een hol. Een slidderende Tibetaanse Mastiff nam poolshoogte. Skip zakte in een krater. Pas toen hij overtuigd was dat de Tibetaan met de noorderzon vertrokken was, stak ook hij zijn kopje boven de sneeuw uit. Voor vandaag houden we het buiten voor gezien. Genoeg nieuwe hondenspelletjes op www.kluifje.com om binnen actief te zijn.

zondag 28 december 2014

SNEEUW


Wie de lange latten wil onderbinden, kijkt de groene bergtoppen wit. Van de thuisblijvers begrijp ik de sneeuwobsessie niet. Vooruit een dagje alles verbleekt, mag. De weermannen- en vrouwen voorspelden een alpien landschap. Het zal wel loslopen, dacht ik. Hoe vaak hebben ze het nou bij het rechte eind?

Na een kraakheldere nacht trek ik de luxaflex omhoog. Da’s schrikken. Skip veert op. Voor een hond is sneeuw magisch. Sneeuw biedt in mijn ogen slechts enkele voordelen:

je kunt er de kleur van de urine van je hond in controleren

aan de voetafdrukken van je hond kun je aflezen welke stappen hij onderneemt

je kunt met eigen ogen zien of de snuffelende hond daadwerkelijk dierensporen volgt

je ontdekt welke lantaarnpaal voor de buurthonden het interessants is



Wel mooi zijn de landschapssneeuwtekeningen van
kunstenares Sonja Hinrichsen in o.a. Colorado.

zaterdag 27 december 2014

VREDE OP AARDE



In de tijd dat mensen nog naar de kerk gingen, wensten gelovigen elkaar vrede op aarde. Het draaide vooral om de boodschap. De kerken liepen leeg. Nu doen we boodschappen en zijn de tafels rijkelijk gevuld. Ik wens jullie: vreten op aarde. Iedereen een goedgevulde buik.

woensdag 24 december 2014

KERSTVAKANTIE





Fijne kerstvakantie.
Kluifje is zo terug.

dinsdag 23 december 2014

BORDENWASSER - DISHWASHER


Skip en de buurhond boden zich voor de feestdagen spontaan aan als vrijwillig afwashulpje bij de Heeren van Baerlo. In de volgeboekte restaurants moeten de komende dagen duizenden borden smetteloos schoon.

Skip en Sammy hoeven niet op te komen draven. Tijdens de voorbereidingen van kerstdiner en -brunch kookte de buurman slash chef-kok voor zijn eigen Friese Stabij en Skip een grote pan hazenpeper als voorproefje. Een niet te versmaden baantje als keurmeester: dat ze daar zelf niet aan gedacht hadden!

Voor wie zich de komende dagen laat fêteren bij de Heeren: deze kerst wordt een lust voor het oog en de maag. Voor wie te laat was met reserveren: wees er voor 2015 tijdig bij: www.welkombijdeheeren.nl

Sammie and Skip: jummie!

DISHWASHER
Skip and Sammy volunteered this Xmas as a dishwasher at the restaurants of our friendly neighbor who is a chef. During the preparations of the Xmas diner he cooked jugged hare for the two. Who needs Santa if one has such a nice and thoughtful neighbor. Sampler is a better job than a dishwasher. Why didn't the two smart dogs came up with that themselves? 

vrijdag 19 december 2014

PERSONEEL

Skips nestdekentje

Het was op een warme oktoberdag met een knijpzonnetje. We zaten met visite buiten. Skip die in de schaduw - waar het voor ons minder aangenaam zou zijn - op een buffelbot kauwde, stond op en liep naar binnen. Vrolijk troonde hij bij het naar buiten komen een wapperend dekentje mee. Of het de gewoonste zaak van de wereld was dat een hond zijn eigen spullen ging halen in plaats van zijn personeel in te schakelen. Hij schoof er op de plaats van bestemming met zijn poten mee tot het lag hoe het liggen moest. Tevreden plofte hij zich neer. Bij die ene keer is het trouwens niet gebleven. Regelmatig zien we hem met zijn lievelingsdekentje sjouwen om het precies op die plek te deponeren waar hij het nodig vindt. Het personeel (wij) kan vervroegd met pensioen.

donderdag 18 december 2014

PAKKETBEZORGER


Dingdong. Door het canalee glas onderscheid ik vaag het silhouet van een persoon met een doos onder zijn arm. Skip die eerder bij de voordeur is dan ik, wurmt zijn kopje bij het openmaken tussen mij en de muur. Zijn poten blijven vóór de drempel steken. De pakketbezorger - gedrongen postuur in opengeritst jack - deinst achteruit. ‘Wow, kan die hond achter slot en grendel, ik ben bang voor honden’, paniekt de pakketbezorger in prima Nederlands met zwaar buitenlands accent. ‘Zolang u niet binnenkomt, én op gepaste afstand van mij blijft, hebt u niets te vrezen’, rechtvaardig ik Skips positie. Ik wurm tegelijkertijd Skip die razend nieuwsgierig is wat er in de doos zit, de gang in. Ik teken voor ontvangst. ‘Ik heb het een en ander meegemaakt, daarom’, verdedigt de pakketbezorger zich onnodig. Wil hij hiermee aangeven dat ik zou concluderen dat de lichtgetinte bezorger vanwege zijn geloof niet met honden in aanraking mag komen? Ik bedank hem met een glimlach voor de levering. Het pakje is voor de buren. Sneu voor de verwachtingsvolle Skip. Generaliseren: we maken ons er onbewust allemaal weleens schuldig aan.

woensdag 17 december 2014

ERFENIS


Noorse Buhund prequel dogtales 
Het gebeurt niet zelden dat familieleden bij een erfenis ruzie krijgen over de te verdelen nalatenschap. Er is altijd één persoon die zich rijkelijker wil bedelen dan de rest. Skip kreeg het legaat van zijn voorganger ongevraagd cadeau en wilde ‘m - behalve het spiksplinternieuwe kingsize kussen - niet aanvaarden. Ondanks dat alles perfect paste, vond Skip dat hij recht had op een gloednieuw samengestelde collectie die hij naar eigen inzicht en wensen kon opbouwen.

De praktisch in nieuwstaat verkerende halsbanden, tuigje en riemencollectie die bewaard waren voor hergebruik, konden Skip niet bekoren. Hij mocht zijn meegebrachte halsband omhouden, maar de rode riem werd voor wat meer bewegingsvrijheid verruild met de nooit benutte uitrollijn. Op de première wandeling had hij na ongeveer een kwartier ongemerkt de lijn doorgebeten. Zou het symbolisch bedoeld zijn? Net zoals mensen die wanneer ze het ouderlijk huis verlaten of op latere leeftijd op advies van de psycholoog de onzichtbare navelstreng moeten doorknippen? Ik besloot het een gunstig teken te vinden. Bovendien … riemen genoeg.

Al gauw bleek dat de reden een afwijkende betekenis had. Skip wilde geen doorgevertjes en daarmee basta. In rap tempo werd de erfenis er doorgejaagd. Riemen werden gemolesteerd en er verdwenen steeds vaker op miraculeuze wijze tweedehonds spullen. In een mum van tijd was er niets meer van vroeger over en was alles vervangen. De opvolger had zijn eigen felbegeerde verzameling opgebouwd. Eén relikwie heeft het overleefd: het kingsize kussen – het ultieme relaxbed waar elke hond wel op wil verpozen – viel zo in de smaak dat het negen jaar na dato nog in gebruik is.


dinsdag 16 december 2014

MUISARM(ER)


Noorse Buhund prequel dogtales
Bij thuiskomst schieten muizen alle kanten op. Ze verdwijnen zelfs door minuscule spleetjes. De kasten worden geïnspecteerd maar nergens is aan geknaagd. Als dierenliefhebber wil ik het deze keer door de vingers zien dat muizen ons huis - ons territorium - zijn binnengedrongen. Dat blijkt een vergissing. In rap tempo vermeerdert de familie Mousekewitz zich. Bij een grondige controle van de kast blijken de muizen niet op zoek naar proviand. In Skips voorraad fluwelen afdrooghonddoeken vonden ze de ideale omstandigheden om een nestje te maken.

Deze tijd van het jaar geniet Skip graag buiten op de veranda van een frisse ochtendbries. Daarvoor staan de tuindeuren vanaf zes uur ’s morgens geopend. Het vermoeden rijst dat de grijze knaagdiertjes zich zo toegang tot de keuken verschaffen. Onze buren aan beide zijden hebben allemaal meerdere katten. Het zou kunnen dat ons huis, een neutrale zone, gebruikt wordt als een soort toevluchtsoord. Wat de reden verder mag zijn, er zijn drastische maatregelen nodig om straks een genocide te voorkomen. We besluiten valletjes te plaatsen. Het lokvoer wordt verorberd, maar de grijze bontjes zijn de techniek steeds te slim af. We moeten een alternatief plan verzinnen.

Wanneer ik een corpulente muis door de kamer zie trippelen is de maat vol. Ik spoor Skip aan om de muis te vangen. Skip vindt het allemaal heel spannend. Hij begrijpt alleen niet wie of wat ik met ‘muis’ bedoel. Logisch eigenlijk. In het vrije veld vangt hij wel eens een muisje, maar ik heb het beestje nooit geduid. Ik maak hem meteen duidelijk dat het grijze dikkerdje ‘muis’ wordt genoemd. Dan is hij niet meer te houden. Hij kwijt zich serieus van zijn mousehunt en als een volleerde kat is de hele populatie in een mum van tijd deskundig uitgeroeid.


Diezelfde week raak ik bij toeval op een gezellig feestje aan de praat met een jong stel. Het onderwerp ‘huisdieren’ komt snel ter sprake en het blijkt dat ze èn een hond èn een kat bezitten. Uitzonderingen bevestigen de regel; waar dieren en namen voor bedoeld zijn hoeft niet altijd zo ingevuld te worden. Heel origineel luidt de naam van de hond ‘poesje’ en de poes heet ‘hondje’. Hun hond vangt eveneens muizen. De poes niet meer sinds de hond zijn opleiding ‘muizen vangen’ bij haar met succes heeft afgerond. Dat een hond muizen kan vangen terwijl hij géén poes heet, daar hadden ze nog nooit van gehoord.

maandag 15 december 2014

TABU


Bij onze vorige fiks, de knapste IJslandse Hond ever spraken we, naar later bleek, de naam verkeerd uit. We hadden een goed excuus: eind tachtigerjaren was er mondjesmaat informatie over IJsland. Bij het IJslands ligt de klemtoon altijd op de eerste lettergreep, en spreek je de letter a uit als au. Katur, dat opgewekt betekent, vertolkt je als Kautūr. Wij hebben uit gewenning vastgehouden aan Kátoer. In het dialect werd het soms verward met kantoer (dat kantoor betekent). Kater werd verstaan door onze zeer slechthorende buurvrouw die zich haar hele leven afvroeg waarom iemand zijn hond naar een poes noemt. En eenmaal werd W. haast in elkaar geramd omdat een bullebak die met zijn Poolse blondine voorbij liep, kuthoer (excusez le mot) verstond.

Wie de titel TABU niet als taboe herkende, is onbekend met het Noors. Net als wij voorheen. Omdat iedereen ziet dat onze huidige Fikkie bijzonder is, wordt er altijd gevraagd naar het ras. Met zijn roepnaam kun je niet fout, wel met de soort, zo bleek. Wij brachten Buhund onder woorden als bu als in U en und als in rund, terwijl het Boehoend moet zijn.

Ook met Skip, in onze ogen de knapste Noorse Buhund, pronken we graag. Behalve bij verdachte figuren die te veel vragen stellen, dan zijn gegevens vrijgeven taboe*. Die mensen schepen we af met een nonchalant: ‘Oh, een bastaard.' Want al kun je de IJslandse Hond en  de Noorse Buhund in hetzelfde rijtje scharen als de prachtige Nederlandse Witte Keeshond … die wordt ook zo’n beetje met uitsterven bedreigd!
*Onder andere door de crisis worden er regelmatig rashonden gestolen voor de illegale broodfok.
Naschrift: de ouwe Skip is gecastreerd dus nutteloos voor de fokkerij.

zondag 14 december 2014

ZAKKENROLLER


Noorse Buhund prequel dogtales
Entertrainen (spelenderwijs oefenen) deden we vanaf dag één op de oude vertrouwde thuismanier. We verweefden spannende opdrachten in het dagelijks ritme. De jarenlange traditie van op zondagmorgen verse croissants bakken, werd in ere hersteld. Terwijl de croissants in de oven lagen te bruinen, verdeelde ik apporteerspullen door de kamer. Voorbrengen bijbrengen, bleek overbodig. In luttele seconden, voordat de croissants op het rek waren afgekoeld, leverde Skip de hele groep met de Franse slag aan. Het betere gooi- en smijtwerk tilden we meteen naar een hoger niveau. Het aangebodene moest in een mand gedeponeerd worden. In zijn strategie om speeltjes dubbel te willen omruilen, trapten we niet in.

Hij bood een afgeknauwd flostouw aan. Ik stopte dit in mijn kontzak om later in de vuilnisemmer te werpen, voordat er ongelukken mee zouden gebeuren. De Kong™ was aan de beurt en hierin werd het laatste stukje croissant in verstopt. Skip rende ermee naar de gang en kwam vliegensvlug weer terug met het flostouw in zijn bek. Huh? Ongemerkt had deze gehaaide zakkenroller het touw uit mijn broekzak gegrist en deed nu net alsof hij dit nog niet had ingewisseld voor een behoorlijke portie van mijn ontbijt. Wat een uitgekookt type. Het was in elk geval fijn om te weten dat mochten we ooit een keer op zwart zaad komen te zitten, Skip beslist niet zal verhongeren. 

zaterdag 13 december 2014

TALUD

muizensprong

Het talud speelde een hoofdrol. Via het zebrapad, het plantsoen, de singel en het talud, moeten we in de uiterwaarden waar Skip het liefst muist, belanden. Skip moest nodig. Het dilemma: poep ik in het openbaar groen waar het vrouwtje de hoop opruimt, hetgeen een omweg naar de afvalbak betekent, of … hou ik vol en knijp ik af tot ik in het weiland ben afgezakt. Het was geen weloverwogen keuze van Skip om een grote boodschap als topping achter te laten op de dijk. Door de muizensprong floepte de keutel er spontaan uit. Skip staarde de omlaag rollende drol die eerder op de plek van bestemming was dan hij, wezenloos na. Skip werd afgeleid door geritsel in het knisterende berijpte gras. Oponthoud tegen de met muizengaatjes geperforeerde helling. Drie door de kou traag bewegende muizen verhuisden naar Skips warme buik. Buitendijks zijn we niet meer geweest.

vrijdag 12 december 2014

WITTE ZWANEN


Noorse Buhund prequel dogtales
Young master Skip bracht de vrije weekendjes van zijn toenmalige baas samen door in hun vakantiehuis, zeg maar villa, in Kortgene. Hij mocht er graag snoekduiken, pootje baden en zwemmen in ondiep water. Het spannendst waren warme dagen aan het water. Dan zocht de lokale zwanenpopulatie het toerisme aan de waterkant op. Bij voorbaat schuwde de ongetemde Skip de witte zwanen niet: voor hem waren ze zowel een lokkertje vanwege het gevoerde brood dat hij ook lustte, als een uitdaging. De baas - die de blazende en krachtig met de vleugels slaande zwanen best wel eng vond - beval dat hij uit de buurt moest blijven, voordat ze hem zouden bezeren. Skip blafte net zolang de zwanen uit tot ze opgaven en zich omdraaiden.


Skip was pas kort bij ons toen de Maas tijdelijk land veroverde. Tussen de rivier en de beemden was een smalle landtong niet ondergelopen. Omdat Skip uitsluitend zou zwemmen zolang hij grond onder de voeten voelde, en het koud was, durfde ik het te wagen hem af te lijnen. Hongerige eenden en zwanen landden waar het pad overliep in water. Skip was geen spat veranderd. Hij was wild op watervogels, dook zonder nadenken de koude rivier in en joeg ze al zwemmend op. Hij keek pas om toen hij wist dat hij te ver was gegaan. De overkant bereiken was een hemelsbrede oversteek en gevaarlijk in verband met de drukke scheepvaart. Het dichtste bij was een spontaan ontstaan eilandje waar ik, zonder nat te worden, niet kon komen. Skip koos optie twee. Door uitzinnig met mijn armen te zwaaien en te roepen, kon ik hem bewegen naar mij toe te zwemmen.


Zwanen kunnen wel twintig worden. Ze blijven als koppel en als familie bij elkaar op hun vaste stekkie. Skip en de zwanen hebben door de jaren heen ontzag voor elkaar gekregen. Skip kan bij hen het water instappen. Zij blijven geheel op hun gemak dobberen en hij houdt zijn bek.


donderdag 11 december 2014

STADSE FRATSEN IX

Poezenvrouwtje Eva met Duttie

Een compilatie van verzamelde tekstjes die laten zien dat honden er in onze samenleving onvoorwaardelijk bij horen. 

PS 1 november 2014 ‘wegwerkers’ door Joep School & Anker van Warmerdam
Salima Garrah, medewerker bij tankstation Kriterion 
… Het bizarste wat ik ooit meemaakte tijdens een avonddienst was een ruzie tussen een taxichauffeur en een mevrouw. Een man die bloemen kwam halen om zijn vriendin ten huwelijk te vragen, liep even later met een knuppel en een grote hond op de chauffeur af …

1 november 2014 column Thomas van Luyn ‘Stinknatuur’
… een tropisch aquarium leek me een nutttig opstapje naar konijnen en honden en dergelijken – je moet ergens beginnen …
… Van alle beesten die we vroeger thuis hadden was de hond mij het dierbaarst, hoewel ze piste in de gang, kakte voor de deur, lintworm had en htisig kussentjes opreed als ze loops was – ik wil niet vies doen, het was gewoon zo. De reden dat ik van haar hield, was dat ze ongegeneerd hysterisch blij was als ze me zag als ik uit school kwam, alsof ze me twintig jaar niet had gezien. Dan stak ze haar neus diep in mijn kruis en liet ze van blijdschap haar plas lopen.

VM 8 november 2014 22 minuten met Neil Young door Steffie Kouters
… Drie kwartier later dan afgesproken wordt er op de dure deur geklopt: het is de manager. Niet Youngs fameuze manager Eliot Roberts, maar een jongere. Deze manager is het type waakhond van wie van alle kanten afspat dat hij bereid is zijn leven te geven voor zijn baas. 

Eva Hoek PS 8 november 2014
Het was dinsdagmiddag, de mensen haastten zich naar huis en ook ik wilde net naar binnen gaan, toen er een man met een stok voorbij stiefelde. De Duitse herder naast hem verveelde zich zichtbaar, en toen ik hallo zei zag hij zijn kans. Een sprong, een blaf en hup, daar hing ie, 35 kilo enthousiaste hond om mijn nek. “Ho!” riep ik, want zo’n held ben ik niet en bovendien kwijlde hij. “Hij doet niks hoor,” zei de man. “Hij is gewoon blij.” “Dat kun je wel zeggen,”zei ik terwijl ik een stap naar achter deed en de hond weer afsteeg. “Hoe heet ie?” “Char. Zo heette hij al voor het medium, hoor. Ik heb al 35 jaar Duitse herders. Niet deze. Vanaf de grond keek Char me verwachtingsvol aan. Ik: “Is het een mannetje of een vrouwtje?” De man: “Er hangt een pistooltje onder, dus…”

woensdag 10 december 2014

THUIS


Noorse Buhund prequel dogtales
De transfer van de 20 maanden jonge Skip verliep zo soepel als het maar zijn kan. Vanaf de eerste poot die hij over de drempel zette, voelde het vertrouwd. Hij verkende het huis, onze tuin en die van de buren waar hij in een gestutte kersenboom klom voor een goed overzicht van de buurt. ’s Avonds keken we gezellig samen tv. Skip keek echt mee. Moe van alle indrukken was de nieuwkomer na de avondroute er als de (S)kippen bij om te gaan slapen. Als eerste klom hij, behendig en zonder haperen, de trap omhoog. Hij had zich nog niet aan het voeteneind gevleid, of de luiken vielen toe. Uitgeteld!

Hij ontwaakte pas om 8.00 uur. Hij bleef op het loungekussen, dat we de dag ervoor voor hem hadden klaargelegd, wachten tot ik klaar was met het ochtendtoilet en vroeg of hij mee naar buiten ging: aangekleed gaat uit. Na de wandeling belde ik de voormalige eigenaars om te laten weten dat Skip goed geacclimatiseerd was. Ze vroeg waar hij geslapen had. Ik vertelde op de slaapkamer, van het grote kussen en dat hij als een blok in slaap was gevallen. Ze viel steil achterover. ‘Hoezo?’ vroeg ik. ‘Traplopen mocht hij niet. Bij ons is hij überhaupt nooit op de bovenverdieping geweest. En hij sliep in de keuken in zijn bench’, zei ze verbluft. ‘Dus het concept slaapkamer, bed, slapen bij de baasjes was hem volledig onbekend?’ stelde ik verrast vast. Ik had hem als uitgeslapen ingeschat, maar dat deze wakkere jongen de nieuwe situatie direct zou uitbuiten om zijn privileges op te waarderen, vond ik briljant.

dinsdag 9 december 2014

STROOMUITVAL


Tijdens werkzaamheden aan de weg, is een kabel geraakt. De hele wijk komt uren zonder stroom te zitten. Op de dagopvang bevinden de dementerende bejaarden zich plots in het donker. Het memory spel waar ze mee bezig waren, wordt gestaakt. De leeuw met blauwe kraag zal even moeten wachten op zijn dubbelganger. 

De leiding maakt er het beste van. Bezigheidstherapeuten dragen waxinelichtjes op batterijen aan. Ze proberen herinneringen los te weken over vroeger in het donker: de weg naar de nachtmis tijdens de kerst, verstoppen in de schuilkelders tijdens de oorlog, een zonsverduistering overdag ergens in de jaren zestig.

Het hoofd van een oude heer, een nieuweling, tolt na alle verwarrende verhalen. Hij wil weg, naar buiten toe. Hij drukt op de lichtschakelaar naast de gesloten deur. Het licht floept aan. Puur toevallig is de stroomstoring op datzelfde moment opgelost. Er gaat nog een lichtje branden. Hij loopt terug de koffiekamer in en draait het bijhorende memory kaartje van wat hij de gele hond noemt, om.

Als die avond de regionale televisiezender tijdens het nieuws rept over de stroomuitval, mompelt hij in zichzelf: ‘Die heb ik gefikst.’

maandag 8 december 2014

BUITENLANDER


Noorse Buhund prequel dogtales
Mijn grootouders zijn rasechte Scandinaviërs. Mijn Noorse vader is in het idyllische Hoegaarden geboren. Wel geestig eigenlijk, een hoogblonde Viking in de plaats waar het witbier wordt gebrouwen. Als Europees kampioen reist hij vanuit zijn residentie Tilburg de halve aardbol rond, heb ik begrepen. Misschien heb ik hem daarom nooit ontmoet. Ik ervaar het niet als een gemis. Dingen lopen nu eenmaal zoals ze lopen. Wellicht kruisen onze wegen zich ooit. Zonder rancune of spijt.

Hoe mijn vader en mijn moeder kennis aan elkaar hebben gekregen en waarom ze elkaar hebben verlaten is mij onbekend. Ik was er uiteraard niet bij en er is verder nooit over gesproken. Ik ben, samen met mijn broers en zusters, opgegroeid in een warm nest bij mijn zorgzame moeder in de kop van Noord Holland. Zij zijn nu, net als ik, over het hele land uitgewaaierd. Een reislustige vader moet hieraan debet zijn, dunkt me. Iedereen is goed terecht gekomen. De korte innige band die ik met mijn moeder had, is verwaterd. We hebben een summier doch hartelijk contact.

Hoewel ik hier in Nederland geboren ben en er hier veel minder ruimte is dan in Noorwegen, geeft het me een heerlijk vrij gevoel als ik over de lange dijk loop en de straffe wind door mijn haren blaast. De loodgrijze kleur van het koude IJsselmeer doet me te herinneren aan de Noorse fjorden en meren. Het moeten de genen van mijn voorouders zijn; ik ben zelfs nooit op vakantie geweest in het land waar mijn verleden moet liggen. Toch droom ik er af en toe van wanneer ik, hoog in de lucht, de ganzen gebroederlijk in een grote V naar het Noorden zie vliegen. Hoe vreemd dat moge klinken, er kan me zelfs een gevoel van heimwee bekruipen. Ik kon er wel aarden, maar toch bleef er iets knagen. Het Hoge Noorden was niet voorbestemd om te blijven.

Mijn opleiding voltooide ik in Zeeland. Zeeuwen schijnen een andere mentaliteit te hebben als de zakelijke ‘Ollanders.’ Ze staan te boek als zuinig en streng. Ik vond het wel meevallen. Het scheelt misschien dat ik me goed aan verschillende situaties kan aanpassen. Ik voelde me volledig opgenomen, een schoolvoorbeeld van integratie. Als de Zeeuwen je eenmaal geaccepteerd hebben sluiten ze je voor altijd in hun hart. Afkomst speelde geen enkele rol. Het werd zelfs interessant gevonden. Ik was natuurlijk - evenals mijn vader en moeder hoogblond - een niet alledaagse verschijning. Waar ik wel in het begin moeite mee had was de nasale klank van hun dialect. Dit was een hemelsbreed verschil met de harde uitspraak boven in Holland. Maar als je wilt kun je met alles en iedereen communiceren. Je verstaanbaar maken in de Noorse taal lijkt me net zo goed verre van gemakkelijk.

Weer woonde ik in de nabijheid van de zee. Ik struin graag door de duinen en geniet van mijn dagelijkse wandelingen langs het water. In de zilte geur aan het strand herkende ik de weemoed. De knersende schelpen prikten in mijn voetzolen. Ik wist dat ik hier weer niet zou blijven. Uiteindelijk bracht onvoorwaardelijke liefde me naar de plek waar ik hoor en waar ik volledig kan zijn wie ik ben. Mijn officiële papieren vermelden dat ik van Noorse afkomst ben, maar van binnen voelt mijn nationaliteit absoluut niet als belangrijk. Een rotsvast vertrouwen kunnen hebben in de mens die voor je zorgt, is waar het in mijn leven omdraait.

Ze was die dag speciaal voor mij gekomen. Het was ijskoud buiten, maar haar sympathieke stem met de innemende zachte G deed me denken aan de gemoedelijke Vlaamse taal. Het maakte niet uit hoe ze er uit zag. Ik voelde meteen de diepe wederzijdse genegenheid en was verkocht voor ik er erg in had. In de ogen van deze Zuiderling zag ik eindelijk het noorderlicht.

Zonder enige aarzeling en zonder om te kijken stapte ik bij haar in de auto. We reden in stilte door een bevroren landschap naar mijn toekomst. Vlak voor aankomst drukte ik mijn snuit tegen de beslagen zijruit. Het heuvelachtige gebied van Limburg was bedekt met een glinsterende laag rijp. Flarden mist kwamen voorbij en omhelsden ons als een warme deken. Zelfs de meanderende Maas voelde als een goede, oude vriend. Het was zoals het moest zijn. Skip Fjelldalgard, een Noorse Buhund, is eindelijk thuisgekomen.




zondag 7 december 2014

BOEDDHA


Blaadjes-op-de-railstijd. Het heeft vannacht geijzeld. Jeetje, wat een kakakakou buiten. Skip en ik wachten in de auto totdat de opgesprayde ruitontdooier zijn werk doet. Vijf minuten te laat halen we de meiden op. In de groene gordel die nu iedere bruinschakering heeft, rennen de rebellen en konijnen zich warm bij -2. Wij zoeken beschutting langs het eekhoorntjesbos.

Een setje Shar-Peis passeert. Byker yipt. Het is uitgesloten dat ze beiden de zuigkracht ervan kunnen weerstaan. Met zijn logge lijf spurt de helft in best een aardig tempo naar waar het te doen is. Terwijl de baas zijn andere Shar-Pei aanlijnt, ontbiedt hij hond Boeddha tevergeefs.

Alle vier bevinden ze zich nu achter de braamberg. We kunnen niet zien wat er gebeurt, maar de volgende lezing lijkt M. en mij aannemelijk. Boeddha wil een kijkje nemen, wellicht zelfs meedoen. De rebellen zien hem als hond of medespeler niet staan. De Shar-pei is hoogstens een sta-in-de-weg in de orde van een tak, twijg of netelige stengel die je zonder pardon aan de kant duwt als die de weg verspert. Als de hond zich dwars opstelt en de rebellen wel over hem móeten struikelen, doen ze nog alsof hij niet bestaat. De afgeserveerde Shar-pei druipt af naar zijn baas. Zijn gedeukte ego zichtbaar. 

zaterdag 6 december 2014

NOORSE BUHUND TER ADOPTIE


Noorse Buhund prequel dogtales
Een machtig mooie Noorse Buhund stond onder het kopje herplaatsing op de Scandiasite. We hebben gebiologeerd naar de foto van die jonge blonde god met zijn afgewende koppie zitten staren. Hij had meteen mijn hart veroverd. Hij heet Skip en zocht een nieuw thuis. We hoefden er geen seconde over na te denken. We belden voor meer achtergrondinformatie met de fokster die ons na een goed gesprek het nummer van de eigenaars gaf. Het klikte. We spraken af om over drie dagen de hond te komen bezichtigen. Het was heel raar maar vanaf het moment dat we de internetfoto zagen was het onze hond. Het duurde voor ons gevoel veel te lang voordat we vol verwachting naar Zeeland reden om onze toekomstige hond op te halen. Had onze intuïtie ons niet bedrogen, zou deze hond voor ons en voor hem de juiste keuze zijn?

De voordeur zwaaide open en daar stond Skip op een afstandje in de gang. Het was ‘m gewoon en het gevoel was meteen wederzijds. Voor de eigenaren was het moeilijk om hun hond af te staan. Ik bewonder hen dat zij kozen voor wat voor Skip het beste was en we zijn ze nog elke dag dankbaar dat ze veel energie in zijn opvoeding hebben gestoken. Na een ongedwongen gesprek over alle ‘ins en outs’ en met de afspraak voor een proefperiode van twee weken voor beide partijen mochten we hem mee naar huis nemen. Wij wisten toen al dat we onze hond niet meer terug zouden geven. Skip liep met ons mee naar de auto, sprong erin en we reden naar huis.

We wandelen en spelen de helft van de dag. Dat wil zeggen: wij wandelen en Skip die rent, zwiert, springt, vliegt en graaft. Het is heerlijk om te zien hoe Skip geniet en hoe goed hij hier op zijn plaats is. Bij zijn vorige eigenaren wilde hij nog wel eens weglopen. Dat is wellicht debet aan het zelfstandige karakter van de Noorse Buhund en misschien was het zijn onbezonnen jeugdig enthousiasme. Wij geloven graag dat hij op zoek was naar ons. We zijn zielsgelukkig dat we elkaar gevonden hebben.

vrijdag 5 december 2014

SNERTWEER


Buiten de bebouwde kom op een hoogvlakte. Het is waterkoud. Tussen het kreupelhout hapt een groezelige grijsaard op een omgevallen stam in beduimelde boterhammen. Hij roept iets onverstaanbaars. We groeten terug, dat lijkt ons aannemelijk. Noorse Skip, helemaal in zijn element met dit snertweer (ik leg nu ook pas het verband met erwtensoep) vliegt van hot naar her.
Wij stappen stevig door om warm te blijven. Na menige op- en af draai ik om. Skip die ons slalommend op de voet volgde, is uit het zicht. Nogal wiedes. Skip is vast aangeschoven voor een late lunch. De boterhammenman is weg. De schrik slaat me om het hart. Ik brul: ‘Skippy’ en niet Skip. Skip weet dat Skippy de respons-oproep is.
Zand dat bovenop de berg wordt gesmeten door hardwerkende achterpoten van Skip die tegen een steile helling graaft. Door de schuinte hoeft zijn kont niet in de lucht. Gevecht tegen de zwaartekracht. Geregeld glijdt hij naar benee, kukelt om, of laat zich foppen door opgerakelde kiezels die omlaag rollen. Om je te bescheuren. Taaie wortels worden aan flarden gereten. De baas daalt af om foto’s te maken. De jonge aanplant waaraan hij zich vast wilde grijpen, blijkt een losse tak die nu kapseist. Skip houdt het voor gezien, linke boel hier, en klimt vóór de baas omhoog.



donderdag 4 december 2014

STAMBOOM

Mika Fjelldalgard
Noorse Buhund prequel dogtales
Misschien had ik het voorafgaand aan de nestfase moeten hebben over de verwekking. Lang bestond er een misverstand over de totstandkoming. De puzzelstukjes vallen eindelijk in elkaar. De beroemde kampioen Zikka (roepnaam Mika, genoemd naar zijn vader) Fjelldalgard ontving zijn aanstaande Ronja Snöstjärnans. Het zaadje werd geplant. Omdat het een eenmalig nestje betrof, werd er door de fokker geen kennelnaam aangevraagd. Bij de overname van Skip kregen we zijn stamboom. Daarop stond simpelweg Skip vermeld.


Omdat ik Skip zijn eigen identiteit gun (iedereen zou bekend moeten zijn met zijn afkomst), Fjelldalgard zo’n wereldnaam vind, Skip een aardje naar zijn vaartje is, en ‘in mijn tijd’ kinderen automatisch de naam van de vader aannamen, noemden wij Skip, Skip Fjelldalgard.

Na plaatsing van het eerste enthousiaste verhaal over Skip Fjelldalgard in het clubblad van Scandia - vereniging voor liefhebbers en fokkers van Scandinavische Spitshondenrassen, werd ik meteen teruggefloten. De onrechtmatig gebruikte achternaam mocht ik niet meer officieel gebruiken. Dat ik, tussen alle koosnaampjes die ik voor Skip verzin, ook Fjelldalgardje zit, hoeft niemand te weten.

Ronja Snöstjärnans

woensdag 3 december 2014

SINTERKLAASFEEST

Je zag het echt niet! Nu wel?

Het Sint Nicolaasfeest was lang het best bewaarde collectieve geheim van Nederland. Het was in de tijd dat de wind guur om de hoek waaide, de maan sikkelvormig was, Spanje een onbereikbaar exotisch oord was waar sinaasappels aan de bomen groeiden, en mensen nog goedgelovig waren.
Amateurtoneel van de bovenste plank waar kinderen en volwassenen wekenlang schik aan hadden. Je ouders maakten er handig misbruik van dat Sinterklaas alles van je wist, om je boven braaf te laten zijn. Uit eigen beweging bleef je langer in bed om te dromen van de schatkamer waaruit jij jouw cadeaus mocht kiezen. Kinderen die deelgenoot waren gemaakt, voelden zich een hele piet omdat zij nu bij de groten hoorden.

Er bestond slechts één stinkend rijke Sinterklaas die op zijn verjaardag nota benen elk huisje langsreed, vandaar dat hij personeel nodig had. Pieterman was destijds een jaloersmakend beroep. Lolbroekerige boefjes wilden maar al te graag mee in de zak naar Spanje om opgeleid te worden tot zongebruind hulpje en acrobaat: pieten moesten immers over daken kunnen lopen, door schoorstenen kunnen en zakkenvol pakjes dragen. De arbeidsvoorwaarden waren puik: een goudgebiesd pietenpak inclusief baret met veren, pepernoten en taaitaai zoveel als je wilde, 49 weken halve dagen naar de circusschool waar je kunstjes leerde om slechts drie weken hard te werken in het buitenland. Op vrije middagen hielp je die eeuwenoude lieverd om beurten op de postkamer. Afstuderen deed je niet met een diploma. Van de Sint kreeg je hoogstpersoonlijk een toepasselijke naam toebedeeld. Het enige wat je ervan weerhield om met de boot mee te varen was dat je je moeder niet kon missen.

Nederland groeide uit zijn voegen. De goede Sint was verplicht om hulpsinterklazen aan te stellen. Mijn vader was er één van. Mijn broer alias Pedro werd hoofdpiet en beheerde het Grote Boek. Het schminken gebeurde thuis. Ik, nog onwetend, moest tot nader order bij een vriendinnetje gaan spelen. De hond werd in de schuur ondergebracht. Want: voor de kleintjes kon je alles verbloemen, maar de hond maakte je niets wijs. Die verklapte meteen dat onder die karmijnrode maxi jurk met witte baard en dito pruik erboven je vader, en achter de schoenpoets en de bonte babydoll je broertje, zich verstopt hielden.

dinsdag 2 december 2014

NOORSE BUHUND prequel


In willekeurige volgorde: Panda, Buba, Kuif (nu Kiran) Napoleon (nu Skip) en Kiara.
Gezien de lighouding en omdat het een jongetje is, vermoeden we dat de linker Skip is.
We suppose the left one is Skip.

Velen volgen al jaren de strapatsen van Skip de Noorse Buhund via papieren en digitale kanalen. Nieuwkomers die ergens halverwege de blogserie of nu zijn ingestapt, vragen zich af hoe het allemaal begon. Net als bij kaskrakers die een of meerdere vervolgfilms kennen en na deel zoveel teruggaan naar de bron, krijgt Skip nu ook zijn eigen prequel. Met dank aan Jan van Iperenburg (eigenaar Skips vader Mika) die familiekiekjes van pril geluk stuurde, blikken we de komende tijd terug. Een verrassing omdat Skip pas bij ons kwam wonen toen hij 20 maanden was. De beginreeks zal onder de kop NOORSE BUHUND verschijnen.

het nest van Mika Fjelldalgard en Ronja Snostjarnans is een doorslaand succes.
The litter of Mika Fjelldalgard and Ronja Snostjarans a 10 on a scale from one to ten

vertellen waar het op staat
Are you talking to me?

klaar om de wijde wereld in te trekken
Ready for take off

paps, mams en de kids. Waar is nummer vijf?
Mum, dad and the kids. But where is number five?



maandag 1 december 2014

WILDVREEMD


De baas moest bestellingen uitleveringen en Skip mocht mee. Ze (her)ontdekten bij elk adres iets nieuws. Een Amerikaans aandoend park, een halfpipe van een skatebaan nokvol met herfstbladeren, met houten brug. Een hertenkamp op een voormalige vuilstort mét herten die gewend zijn om bekeken te worden. Volgens Skip waren het elanden. Ze leken helemaal niet op de reetjes in het hondenbos. Om het omheinde hertenkamp lag een sluis met tralies zoals je bij luchtplaatsen in gevangenissen ziet. Geen idee waar dat voor diende of gediend had, maar Skip kon er daarom los. Ze eindigden via een flauwe bocht bij een voormalige grindafgraving waar we vaker zijn geweest. Alleen namen we niet de dichtstbijzijnde ingang, maar reden we daar best een end voor om. Nieuwe wegen inslaan, ook honden vinden dat machtig mooi.


zondag 30 november 2014

WAARNEMER


Na elke wandeling hoort W. de lotgevallen uit eerste hand en (her)leest hij de belevenissen in de blogs en columns. Het moet een fluitje van een cent zijn om de rebellen te begeleiden. Als mijn plaatsvervanger neemt hij sinds een poosje één morgen per week de honneurs waar. De invaller is met een heleboel instructies op pad gestuurd: van het vooraf inprenten van de aardrijkskundige locaties tot aan alleen ingrijpen indien echt noodzakelijk.
Live aanwezig, valt hij steil achterover. De verhalen waarvan hij dacht dat ze deels gefantaseerd waren, trekken als een levensechte film aan hem voorbij. De dikwijls gebezigde stelling ‘je had erbij moeten zijn’ stemt overeen met de werkelijkheid.