zondag 3 augustus 2014

HOE SPREEKT-IE?


Op de terugweg vertragen veel honden. Buiten is té leuk om weer voor binnen te verruilen. Skip permitteert zich met enige regelmaat een ongeoorloofde afslag tegen het einde van een losloopwandeling, óf hij doet de grote verdwijntruc. Voorzie ik een uitbraak dan houd ik ‘m kort. Dikwijls zie ik het door de vingers en krijgt hij carte blanche. Zolang het een gezamenlijk spelletje blijft met een gelijkoplopende score is het goed.

Skip stept dynamisch tussen het opgeschoten snijgras. Ditmaal blunder ik. In één oogopslag is Skipmans verdwenen. Ik roep, fluit, klap in mijn handen. Zelfs kraken met het zakje Frolic™ Unterwegs levert geen respons op. Hij hoeft niet op appel te verschijnen, ik vraag slechts oogcontact. Wat we als eigenaar gedurende de opvoeding vergeten zijn: de hond leren reageren. Een simpele blaf of woef om ‘m te lokaliseren is toch niet te veel gevraagd? Na een korte zoektocht vind ik Skip, spadend in de greppel. Ik neem me voor om meteen te beginnen met les 1 van de cursus ‘Luid’. ‘Hoe spreekt-ie?’ vraag ik Skip. Een excuusblik: begrijp jij, onnozelaar, niet dat ik mijn bek vol heb met grond? De omgekeerde wereld: mag-tie blaffen, doet-ie ‘t niet.