dinsdag 24 maart 2020

LEZEN EN SCHRIJVEN


Met al mijn reuen kon ik lezen en schrijven. Pop, ons eerste teefje, leest mij beter dan ik haar. Niets zo voorspelbaar als een Pop en tegelijkertijd niets zo wispelturig als een Pop. Ze is nogal onregelmatig en vaker dan gebruikelijk loops (zonder te vloeien overigens). Het zou best iets met de vrouwelijke hormonen van doen kunnen hebben. Of is haar (Scandinavische) ondoorgrondelijkheid een van de karakteristieken van haar sterrenbeeld boogschutter en behoeft er gewoon niet dieper gegraven te worden? Ongecompliceerd tot het oppervlakkige af, gauw opgewonden met als gevolg doordraven of verstrooidheid, en haar schranderheid gebruiken om toestanden waar ze geen zin in heeft te omzeilen; voor haar geen kunstjes, trucjes of spelletjes op commando. Óf is ons schattige sneeuwvosje gewoon een no-nonsense Norrbottenspets die als aan haar basics (veel de natuur in en vrij kunnen bewegen) wordt voldaan, simpelweg tevreden is.

Pop leest voor de volle 100% mijn gedachten; ik hoef ze niet eens uit te spreken. Bijzonder knap, daar haar focus meer op haar lieffie Wim ligt. Toch hebben we samen een onzichtbaar lijntje. Het zijn stuk voor stuk kleine dingetjes en momentjes waaraan ik merk hoe ze mijn gedrag beoordeelt en daarop inspeelt. Ze maakt er dankbaar en gretig gebruik van. In ons beider voordeel, dat moet gezegd. Wanneer ik denk de route te wijzigen, is zij me al voor. Door weg te galopperen als ze het oneens met me is, instemmend door al de kant op te lopen die ik wil voorslaan. Heel soms kan ze me zomaar verrassen door een voorwerp uit de mand met ongebruikt speelgoed waar alleen de hondenloge’s mee spelen, te geven. Wat haar bedoeling is, is nog steeds onduidelijk. Want op de pogingen die ik doe, gaat ze niet op in. Zou ze lekkere trek hebben en wil zij mij bijbrengen dat beloningskoekjes uiteindelijk toch horen bij oefeningen? NB de voor voerongevoelige Pop opvoeden deden we met onze stem en gezichtsuitdrukkingen.

Geveld door een akelige keelontsteking (hees en hoestenhoestenhoesten), vrees ik het ergste. Want Pop is ansich een gemakkelijk hondje, maar dwingelandij is haar troef als ze meent dat ze iets tekortkomt waar ze recht op heeft. En dan is er weer zo’n prettige verrassing: ze waardeert het dat vriendje Wim tweemaal daags met haar naar bos en hei rijdt. Voor de verdere dag-en-nachtindeling schuift ze al haar verlangens terzijde en ligt het toegewijde kruikje strak tegen me aan, alsof ze wil aangeven: gedeelde smart is halve smart. Wanneer ik zowat stik in een van de zeer frequente hoestbuien, legt ze een voorpootje op me, waarmee ze wil zeggen: het komt wel goed schatje. Bekomen van een de zoveelste schorre hoestblafbulder knijp ik even met mijn ogen. Ik hoef niet uit te spreken dat je nergens een empatischer en hartveroverend hondje vindt. De reactie is een kusje van Schmoopy, want zo noemen we Witje liefkozend in een vertederende context.