zondag 13 juni 2021

PERFECTE POEDEL

 

poedels in een maatje meer of minder

Wat is dat toch met poedels? Je valt als een blok voor de krullenkop óf je durft je er (als echte kerel) absoluut niet mee te vertonen. Aan de poedel, toujours bon ton, blijft het stigma van opgedirkte damesdoes kleven. Onterecht, want de clevere poedel is de crème de la crème onder de honden: een knappe comédien waar je beslist mee gezien mag worden.

Herkomst en geschiedenis

Net als bij vele andere hondenrassen zijn er over de poedel verschillende lezingen in omloop. Frankrijk én Duitsland eisten allebei de krullenhond die gebruikt werd voor de jacht op waterwild, op als nationaal ras. Beiden beriepen zich daarbij op de naam. In Duitsland wordt de poedel Pudel genoemd, dat in verband wordt gebracht met pudeln, dat poedelen (spetteren in water) betekent. Er werd aangevoerd dat de poedel een kruising is tussen de langharige Duitse Herdershond en een jachtras. Wie voor het permanentje heeft gezorgd, blijft bij deze bewering een raadsel. Fransen daarentegen veronderstellen dat de poedel van Barbets afstamt die men aan de jacht onttrok vanwege hun buitengewone schranderheid en hun aanleg om kunstjes te leren. Etymologisch stamt het Franse woord caniche (vrouwtjeseend) zoals de poedel in Frankrijk heet, af van cane (eend) dat weer herleidt naar de eendenjacht. Aan het gekissebis kwam een einde nadat de Fédération Cynologique Internationale Frankrijk het patent verleende. De poedel valt onder de classificatie groep 9 gezelschapshonden nummer 172, sectie 2.

Karakter

De handzame poedel beleefde zijn hoogtijdagen in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Je kon de immens populaire hond zelfs in dierenwinkels kopen, waar ze achter het vensterglas geëtaleerd werden. Het ras bestaat uit vier slagen: de Toypoedel (tot 28 cm), de Dwergpoedel (28-35 cm), de Middenslagpoedel (34-45 cm) en de Grote Poedel (45-60 cm). De Grote Poedel wordt ook wel Standaard Poedel genoemd, bij onze Zuiderburen draagt hij de titel Koningspoedel. De vroegere jachthond was veel grover gebouwd dan de huidige kokette show- en gezelschapshond. Het fijne karakter en het superbe intellect van de poedel zijn wel doorgegeven in zijn genen. De poedel zoals we die nu kennen is een aangename, attente en vrolijke hond. Hij oogt alert en energiek en valt op door zijn vriendelijke blik en twinkelende ogen. Hij blinkt uit in speelsheid en is één van de meest trainbare rassen. Wezenlijke verschillen tussen de maten zijn er haast niet: de Grote Poedel is wat kalmer dan de kleinere beweeglijkere varianten. Logisch, een maatje minder is wendbaarder in verhouding tot een kanjer van formaat. Alle maten poedels behouden tot op hoge leeftijd hun speelsheid en vitaliteit. Wie naast de buitenkant het prachtige innerlijk ziet, kan niet anders dan toegeven: tout aan de poedel is perfect.

Sociaal gedrag

De mooiige poedel is een levendige en vriendelijke ami die doorgaans uitstekend overweg kan met mensen. Hij heeft een open karakter, waardoor hij graag met iedereen zal willen kennismaken. Grands et petits, vreemd of bekend, u kunt van hem op aan. Hij is prima verdraagzaam met zijn eigen soortgenoten en met andere dieren. Hij is geschikt als gezinshond of bij één persoon.
Waar houdt een poedel zich op een alledaagse dag mee bezig? Naast zijn schoonheidsslaapjes in zijn knusse mandje of op de bank, concentreert de poedel zich uit en thuis vooral op zijn eigenaar. Laat u meeslepen door zijn joie de vivre en maak van het dagelijks leven een spelletje. Bed opmaken is een feest als u de lakens uitdeelt. Bij het tuinieren, draagt hij maar al te graag een steentje of tak bij. Tijdens het ramen lappen, scharrelt hij rond de keukentrap op de stoep, klaar om de oeps vallende spons op te vangen. Onder het kokkerellen, keurt de mooi opzittende fijnproever met liefde uw probeersels uit de (Franse) cuisine - let op de lijn! Wat voor klusjes u ook uitvoert, betrek uw poedel in het huishouden, anders zou de Grote Poedel dat weleens zelf kunnen gaan doen. Het is kinderspel voor uw guitige huishond om u om de vinger te winden: door te ruimhartige toegeeflijkheid en inconsequentheid dresseert dit meesterbrein ú in plaats van andersom.
Door zijn aanhankelijkheid en zijn loyaliteit vertoeft hij, en welke hond wil dat niet, het liefst bij zijn eigenaar. De zachtaardige fijnbesnaarde poedel heeft er een hekel aan om te lang in zijn uppie te wezen; veel te saai. U kunt de hond van jongs af aan leren om enkele uren alleen te blijven, meerdere poedels nemen (wel zo gezellig) of zorgen voor een vaste back-up.

Opvoeding en beweging

De attente poedel heeft een bereidwilligheid om te werken waar je u tegen zegt. Hij is un étudiant exceptionnel, een vlugge vlotte leerling en bovendien goedgehumeurd. De opvoeding van de poedel geeft pas de problème: doorgaans volstaan vriendelijke verzoeken. Naast gekroeld worden, is de best ondeugende hond altijd in voor een verzetje. Spelletjes vindt hij het einde. Kunstjes hoeft u slechts één keer uit te leggen en de poedel kan het meteen, tot groot genoegen van hem en u. Gehoorzaamheidsoefeningen (zelfs G&G I en II) zijn voor hem een uitdaging om er een schepje bovenop te doen. Het is een groot misverstand dat de poedel slechts een schoothond is. Het talentvolle dier staat fanatiek open voor verschillende takken van hondensport en is geschikt als reddingshond of blindengeleidehond. Zoals eerder aangegeven werd hij als jachthond ingezet en is/was hij een succesvol kunstenmaker in bijvoorbeeld circussen waar hij de clown uithangt of acrobatieke toeren uithaalt. Als opvallende gezelschapshond bedenkt hij ook gewoon thuis uit zichzelf allerlei trucjes en kunstjes, waarbij hij stiekem hoopt op uw applaus. De poedel is energiek van aard en heeft ruim beweging nodig om goed uit de verf te komen. Voldoende beweging – let op de trippelende lichte gang tijdens het lopen – betekent een tevreden huisgenoot. Door zijn trouwheid kan de opgevoede en gehoorzame poedel los van de lijn tijdens de promenade. Zelfs zijn eerdere interesse voor (water)wild speelt hem geen parten meer of het moet zijn als kant-en-klaar maaltje in zijn voerbak.

Gezondheid en verzorging

Poedels kunnen een hoge leeftijd bereiken, gemiddeld worden ze tussen de 12 en 15 jaar. Hoewel ze bevoorrecht zijn met een lange levensverwachting, kunnen zich gezondheidsproblemen voordoen bij het ras. Bij de Toypoedel en Dwergpoedel kan patella luxatie voorkomen. Bij de Grote Poedel kan sprake zijn van heupdysplasie. Incidentele erfelijke oogproblemen worden bij alle vier de gezien.
Patella luxatie is een van de meest voorkomende orthopedische aandoeningen: het van de plaats schieten van de knieschijf, waarbij deze naast het gootje kan komen te liggen waar hij normaal in hoort te zitten. Het vaakst komt de incidentele (habituele) vorm voor, waarbij de knieschijf naar binnen schiet. Men onderscheidt verschil in ernst (graad) en richting waarin de knieschijf zich verplaatst. Afhankelijk van die mate wordt vastgesteld of er sprake is van overgangsklasse dan wel graad 1 t/m 4. Bij de laatste is er sprake van een voortdurende verplaatsing van de knieschijf waarbij deze niet eens meer op zijn plaats te krijgen is.
HD (Heupdysplasie) betekent letterlijk: heupmisvorming. Het komt voor bij (middel)grote rashonden, bastaards en kruisingen. HD is een door erfelijke factoren (25%) en uitwendige invloeden (voeding en onstuimigheid van de hond) bepaalde ontwikkelingsstoornis van de heupgewrichten. Doordat er teveel beweeglijkheid tussen dijbeenkop ten op zichte van de heupkom is treedt vervroegde slijtage in het heupgewricht op die uiteindelijk leidt tot pijnlijke artrose.

Enkele ongemakken. Om oorinfecties te vermijden, controleert u regelmatig de oren en plukt u overtollige haren weg. Bij poedels die een voorkeur voor zacht voedsel hebben, zult u regelmatig de tandenborstel ter hand moeten nemen om eventuele aanslag op de tanden te verwijderen.

Poedels verliezen weinig tot geen haar. Omdat de krullen niet ruien, maar doorgroeien, zullen de poedelharen coûte que coûte gekortwiekt moeten worden. Bij de aanschaf van deze chien zult u een royaal budget moeten inruimen voor frequent salonbezoek.
Een hond zonder CAnF1 is nog niet uitgevonden. Dikwijls wordt de poedel door zijn toekomstige eigenaars juist uitgekozen vanwege die vermeende hypoallergene vacht. De niet verharende houdt weliswaar de CAnF1-eiwitten vast die bij één op de tien Nederlanders een allergie voor honden veroorzaken, máár de verspreiding van de eiwitten staat of valt ook bij de poedelvacht met intensief onderhoud en vooral zeer regelmatige wasbeurten. De poedel kan zelf eveneens last krijgen van allergieën en huidaandoeningen. Dit kan te wijten zijn aan een gebrekkige verzorging, het gebruik van bijvoorbeeld verkeerde shampoot, of het ondeskundig toepassen van de tondeuse.

De poedel met zijn klassieke astrakan bontmantel is beschikbaar in zes très elegante vachtkleuren. Hij paradeert in: zwart, wit, grijs, abrikoos, rood en bruin. Laatstgenoemde couleur schijnt de neiging te hebben voortijdig grijs te worden. Naast de krulharige variëteit bestaat er de sporadisch voorkomende 'koordenpoedel'. De unieke krullerige vacht heeft extreem veel verzorging nodig om welgevormd en fris te blijven. Bij voorkeur dagelijks doorkammen. Elke maand, of om de twee maanden (ligt eraan hoe u de vacht onderhoudt) moet de poedel naar de kappert om geknipt of geschoren te worden. Dit kan bij de trimsalon of door uzelf gebeuren indien u over de nodige vaardigheid, geduld en verzorgende toewijding beschikt. Zo blijft zijn toilet in model en de dresscode op niveau Interessant detail: in vroeger tijden werden waterhonden met krullerige vacht slechts tweemaal per jaar geschoren. Namelijk tegelijk met de schapen. De poedelman kan verschillende basisvormen aannemen: van opzichtige tot sportief ogende modellen. Het 'puppykapsel' of de 'lammetjesvacht' met zijn overal even kortgeknipte in toom gehouden doorsnee krullen, is het meest populaire omdat het eenvoudig en voordelig (zelf) te onderhouden is. De 'continental coupe' is met het achterste gedeelte van het lichaam geschoren, banden rondom de enkels en pompons op staart en heupen, heuse haute coiffure. Het 'werktoilet', al eeuwen in zwang voor waterhonden, zorgt voor een optimale bewegingsvrijheid. Het bestaat uit een geschoren achterhand, een geschoren snuite en een geschoren staart met uitzondering van de fiere staartpunt. Een traditioneel kapsel dat specifiek ontwikkeld is om het gewicht van de vacht te verminderen tijdens het zwemmen terwijl tegelijkertijd de gewrichten en de belangrijkste organen beschermd worden tegen de koude. De geschoren snuit zorgt voor een excellent zicht. De diverse toiletten waarin de poedel tegenwoordig verplicht wordt geshowd op officiële tentoonstellingen, zijn allemaal afgeleid van het oorspronkelijke sine qua non 'werktoilet'. We noemen het 'leeuwentoilet', het 'Engels toilet met de fameuze topknot ' en het 'Modern toilet met beharing op de (voor)benen'. Voor wie het weten wil: de poedel lijdt absoluut niet onder het al dan niet opvallend gekapte dessin. Hij draagt elke stijl sans gêne.

Voor meer informatie: www.poedelclub.nl